Pagina's

donderdag, april 28, 2011




Vertragingen

De maand die tot nu zo behaaglijk was,
geeft alsnog en in één keer al haar regen
zoals ik plots weer vele tranen vergiet
want men zegt dat het leven wetten kent.

De wet bijvoorbeeld dat je het uiteindelijk alleen moet zien
te plooien, maar geschreven of niet, dat is door mensen bedacht;
volharden in de beproevingen, dát is het leven,
zij gaf me er het hele alfabet van om op te vertrouwen.

Zoals de ogen soms groter zijn dan de maag,
zo kan de tong rapper zijn dan het hart;
helaas moest het geschenk worden gebroken.
De dichter is niet bitter, maar treurig en onmachtig

want het lukt niet van zichzelf gedaan te krijgen
wat hij van het leven verlangt, hoewel hij voor de medici
al is afgeschreven; die dachten dat die vogel zijn kop
wel eerder zou hebben laten hangen.


[© MN, in ‘De man die zijn bed haat’. Ik ben van plan nog veel ouder te worden, al vrees en zeg ik vaak van niet, - en anders ga ik wel terug naar de natuur. Alleen de situatie is fundamenteel veranderd; ik woon weer in het stille, warme oosten. Foto begin april 2011.]

maandag, april 18, 2011





Mysterie van het ongenaakbare


Al mijn zintuigen houden zich
Aan je vast, nog warme springlevende beelden,
Gehuisvest in mijn hart.


Dat is wat wij gemaakt hebben van de dood,
Zij kan je dan wel gehaald hebben,
Maar wij, benauwd om ons eigen einde, houden je hier, -


Want ook aan die zwarte glanzende steen
Kunnen we niets onttrekken,
We missen je zo, maar ’t is onmogelijk je te wekken.


[© MN, voor Erna, 4 februari 1949 – 18 april 2009, ‘Mijn gestorven mens van vandaag’.]

dinsdag, april 05, 2011


Met pijn in m’n ziel

Een volle wens is een oprechte wens naar liefde en levenshouding, dezelfde liefde die je kan uitputten, kan leegroven van energie en realiteit en je uiteindelijk fataal kan worden.


Ik voel me volgeladen met ellende en pijn. Het doet me denken aan zo’n Ethiopische bus die aan alle kanten uitpuilt van mensen en ook nog van koffers en plunjezakken en die misschien wel met gebogen assen door de blubber zwalkt. Eén vrolijke massa door het stof van leven.

Ik kan tot verdriet mijn weblog niet voortzetten. Er is niets anders op dan de pijn uit te zitten en te verdragen, er is niet aan te wennen. Pijn verslijt niet, maar is altijd actueel. Ik ben in psychotherapie.

Geen verdriet zonder dankbaarheid, en die ’d’ is overweldigend, naar allen met wie ik hier zoveel heb gedeeld. De weblog was niet een hobby, maar een levensinvulling, zowel het schrijven als het lezen. Er is geen sprake van luiheid of onverschilligheid noch van vervreemding of weerzin, maar slechts van door nood gedwongen passiviteit.

Ook de geest gaat weinig op reis; ja, het nieuwe boek van Miek Pot met korte teksten over contemplaties en enkele essays van Joost Zwagerman over de betekenis van zelfmoord voor nabestaanden konden me zeer bekoren, maar in die pil van Bert Keizer – ‘Onverklaarbaar bewoond’ – struikelde ik steeds over de concentratie.

Vanaf heden ligt niettemin dagelijks een geschenk op schoot, ‘Dagboek van een dichter 1979-2007’ van Leonard Nolens. Meer dan duizend pagina's.

Een roos kent geen ‘waarom’, ze bloeit omdat ze bloeit, ze bekommert zich niet om zichzelf en verlangt niet te worden gezien.


Ik heb geen leven. Maar een ander heb ik evenmin.


[© MN, ‘Ik heb even niets te zeggen. Dat zeg ik.’ Afbeelding: een ets van Leonard Nolens door Karel Dierickx bij de gedichtenbundel Negen slapeloze gedichten. Het vermelde dagboek omvat Nolens' verzmalde dagboeken, gebonden uitgegeven door EM Querido,]