Pagina's

donderdag, april 29, 2010

Meditatie
Compositie met de hand 4

We zijn bijeen want er is weer licht over de aarde en we verwelkomen deze nieuwe dag. Laten we proberen ons bewust te zijn van onze houding en de ogen niet te sluiten zodat we wegdoezelen, maar geloken, gefocust op een willekeurig bepaald iets rondom om dat te zien als een oefening in aandacht, - alsof u de aandacht vast slijpt voor de komende dag, teneinde kritisch waakzaam te zijn naar de harmonie met onszelf en onze omgeving. Dat is ‘bewust present’ zijn. Niet alles is zoals wij verwachten of wensen. Laten we niet daarom het geloof in onszelf, het vertrouwen, opgeven, maar trachten het lot te aanvaarden zoals het op onze weg komt. Zou het zo zijn, dat we juist dan alleen maar groeien?
De handen leggen we open, met de duim tegen de wijsvinger, de handen als taal, als een kom van inschikkelijkheid en behulpzaamheid. Laten we stil zijn, laten we proberen los te laten wat de verandering tegenstaat, waarin we ons verstrikt voelen …. opdat de gedachte afdaalt naar de oorsprong van waaruit we vandaag persoonlijk durven leven.

[© MN, Meditatie IV. Afbeelding: “Peaceful moment” by Robert.]

dinsdag, april 27, 2010


Meditatie
Compositie met de hand 3

We danken dat de nacht is geweken voor de dag. We zijn bijeen, rechten zo mogelijk onze rug, - met de ogen geloken, gefocust op één bepaald iets in de lichtval door de ramen en we dwalen niet af opdat we ook dadelijk niets over het hoofd zullen zien ... en kunnen ontdekken wat onze ontplooiing in de weg staat, daar zijn we immers zelf voor verantwoordelijk.
Onze handen leggen we open met de duim tegen de wijsvinger, de handen als een kom, als blijk van ontvankelijkheid en vertrouwen opdat we in de dag de daad bij het woord kunnen voegen – daar trachten we nu bij te stil te staan vanuit de rust van onze innerlijke stem, alvorens aan te vangen met de taken die voor elk van ons zijn weggelegd. Dat zou een antwoord kunnen zijn op wat ‘het goede’ is.

[© MN, Meditatie III. Afbeelding: “Silent hill” by Marius Grozea.]

vrijdag, april 23, 2010


Meditatie
Compositie met de handen 2

Niets is zeker, maar deze morgen wel. Tracht zo bewust mogelijk te zitten opdat u de adem zacht voelt ruisen. Houd de ogen niet gesloten, maar geloken en gericht op één enkel punt om u heen. Stilte kan met stille ogen worden gedacht.
Leg uw handen open, met de duim tegen de wijsvinger opdat ze een kom vormen – zo zijn uw handen symbolisch voor openhartigheid, voor tevredenheid en gereed u zonder oordelen uit te spreken – dat zou een houding kunnen zijn die u ’t meest zal behagen want uw handen vormen het gebaar van kalmte en onbevangenheid, het is een gedachte om stil bij te zijn voordat we daadwerkelijk de dag durven laten zijn zoals die op ons afkomt.

[© MN, Meditatie II. Afbeelding: “Heavenly sunrise” by Daniel Portal.]

woensdag, april 21, 2010


De meditatie
Compositie rond de handen 1

We zijn bijeen vanmorgen en blij met de nieuwe dageraad. Probeer zo bewust mogelijk te zitten, de ogen geloken, niet gesloten want dan dreigt u in slaap te vallen, geloken en gefocust op één bepaald punt ergens hier rondom ons.
Beide handen open, de duim tegen de wijsvinger opdat ze een kom vormen, - het mag een symbool zijn van bereid te ontvangen vandaag, welgezind te zijn wat op ons afkomt, een kleine, bescheiden kom waarin geen plaats is voor achterdocht en luidruchtigheid, mag dat de dag zijn die u voor ogen staat, een gedachte waarmee we stil zijn en die we bij ons houden wanneer we dadelijk feitelijk onze dag voortzetten.

[© MN, Meditatie I. Afbeelding: “I like it quiet” by Anna Hurtig.]

zondag, april 18, 2010


Elk mijn dageraad is ook voor jou
Hoe kan mijn hart van deez tedere schade helen?

Sprakeloos zie ik deze tombe,
glanzend voor eeuwig je bedstee
als onder ’t fraaiste zwarte verenpak.

Veel van je offers, het geluk, je geheimen,
alles blijft bewaard in onze verbroken ziel, -
van mij en van je trouwste geliefden.

Jij, heldin van mijn levensnachten,
alles blijft waar jij ze te ruste hebt gelegd,
als een tot dons geworden woord.

Koud is wat ons warmte bood,
je huid, je ogen, eens schitterend van liefde,
mijn ziel smelt in droeve zang,

vandaar mijn stilte, eens beminde,
voor jou gloei van vreugde & verdriet wijl ik eraan denk
hoe je eens je lichaam bewoonde, -

maar nu is het donker als de nacht, mijn lieve,
waar blijf ik met dat licht van mij,
mijn woord is bladstil.

Alle tijd voor rouwbeklag en jij
voor eenzaamheid, maar al je moed, je charme,
je levenslust, blijf ik eren, ook wanneer ik er niet meer ben.

[© MN, ‘In de vorm van warmte’. IM mijn tweelingzus Erna, 18 april, een jaar later.]

maandag, april 12, 2010


Soms met de ogen blind van smart. Onwrikbaar nu staat hier elk woord

Even rap iets pakken is er al lang niet meer bij, de moeite die dat kost onderdrukt de spontaniteit of het moet werkelijk van belang zijn maar dat is bij opwellingen meestal niet het geval. Het beweeglijke naar alle kanten op uit vanzelfsprekendheid of nonchalance van voorbijgangers (wat we uiteindelijk allemaal zijn, een voorbijganger, soms alsof het een illusie is dat je hebt bestaan) is nog vaak een pijnlijke confrontatie – maar ik vertel niets nieuws ,- wel dat het komisch was te zien hoe de rolstoel onder mijn neus er op de oprit – en dat is hier letterlijk zo, op-rit, een helling van pakweg 20% - met een noodvaart vandoor ging en 80 meter verder met de harde voorwieltjes tegen de stoeprand tweemaal over de kop sloeg.
Eenmaal in de taxibus kwam er een vierde passagier via de elektrisch bedienbare oplaadklep bij, een jonge, blijmoedige spastische vrouw die met haar bewegingen bijna mijn bril van de neus sloeg, waarop de chauffeur de veiligheidsgordels herzag zodat haar armen tijdens de verdere reis in toom gehouden werden. Ze was een stralend voorbeeld, een voorbeeld van aanvaarding bedacht ik want ze was zeer bij de tijd. “Dit is jouw wereldje, zo ongeveer dan”, drukte ik me op ’t hart, “houd ervan.”

Later ontmoette ik een kunstenaar in een door Odilia nooit eerder bezochte galerie. Ze wist evenmin dat het een Engelsman was die hier al jaren woont. Het woord galerie was niet echt misplaatst want er was uitsluitend ‘art’ te zien, schilderijen schots en scheef en in vele, vele rijen en stapels en verscheidene tafeltjes vol uiteenlopende keramiek. “Oh, I see … you need a chair, wait … I’m Clive, Clive Miller, the artist, and you …?” Ik stelde me voor “(….) and I’m an old poet.”
“No, don’t say that again, we need old poets! You know John Keats?”
“Yes, but he died in 1825, I believe 26 years old.”
“Doesn’t matter.”
“Right. He wrote an unforgettable ‘Ode to a Nightingale’.”
“I was a drummer, played with Pink Floyd.” Het gesprek waaide elke halve minuut naar elders. ‘A painter like a a bird.’ Details toonden dat hij het wel kon, maar er met de pet naar gooide.

Soms schrijf ik wat tekens van zwakheid en smart op. Waar ik in elke mensenzucht, in elke vloek, elk hart gelucht. Hieérr, schreeuwde ik nog, het hart van mijn ravijn. Niet méér te delven dan rauwe pijn waar ik brein-gesmede ketens hoor. Ik zucht nog wat, en verdwijn.
Ik zal toch moeten leren zeilen op de wind van vandaag. Zo teken ik mijn langsgaand gelaat. Laat ik me vermannen. Ik duw mijn hart dat reeds in mijn keel sloeg en me de adem benam, terug in mijn borst.

[© MN, ‘A poet’s past’. Al weken geleden schreef ik de titel van het gedicht dat ik voor Erna wil maken, “Als ik dood ben, denk ik nog aan je.” Odilia las hardop een regel voor die ze mooi vond, het bleek dezelfde, van Patricia de Martelaere. Ik wist het werkelijk niet, maar is dat wel waar? Afbeelding: “Back in time” by Stephoko.]

donderdag, april 08, 2010


De tand der aarde
Een mens in z’n tijd

Stilte zo schoon als onschuld
en ik kraste m’n liefs naam in je stam,
ja, dat gebeurt in de bomenpracht.

Als ik me alleen waan,
snij ik haar woord in zijn bast
want dan komt mijn liefde tot rust.

Zo snel vervalt wat de mens bemint,
die kalmte ben ik me wel bewust want
niet eerder heeft ze me zo liefdevol gekust.


[© MN, ‘Poetry in my mind’. De stilte en de schemering, dat is misschien wel waar ik het dankbaarste voor ben ze te hebben leren ervaren. Het gedicht is in heel zijn waarheid nog slechts de fantasie van een ogenblik – en liever dan het liefs van mij voor haar bestaat er niet. Afbeelding: Een onuitlegbaar krachtig en verwonderend ‘beeld’ van Sarolta Bán.]

zaterdag, april 03, 2010


De triomftocht van rovers en de moderne Tarzan

Er is geen land dat meer uitverkoren of heiliger is - zoals Israël - dan het andere. Er zijn talloze heel voorbeeldige vaders, maar er is er niet één die heilig is, ook de paus niet. Wat wel heilig is, is de ziel en de integriteit van jonge meiden.
In het Zuid-Afrikaanse Bloemfontein, de hoofdstad van de provincie Vrijstaat, worden ter gelegenheid van het WK-voetbal in juni honderden meisjes geronseld – voor minimaal 50 euro van de ene naar de andere pooier – en in een oud door allerlei ongedierte bewoond gebouw voorbereid om de vele duizenden toeristen, supporters, straks te kunnen behagen, voor 5 euro per keer. Het is de wreedheid van hebzucht, de gewetenloosheid van begeerte, exemplarisch voor de wereld.
De beeltenis van het lijden van Christus gaat niet over hemzelf, maar over het lijden van de mensheid. Ik kies voor deze meisjes die ontheiligd en toegeëigend worden en de tragische beeltenis zijn van een verloren beschaving.

[© MN, ‘De minachting en de hoop’. Photo “Unravel” by Daria Endresen.]