Pagina's

donderdag, januari 31, 2008

Dus jij denkt dat je een mens bent?*


“Wat de ouders hebben gebouwd, vreten de kinderen (soms) weer op.“
Dit is een zin die eigenlijk alleen contextueel is te begrijpen.

Het moderne familiehotel waar Adriaan (1956) al 24 jaar als bedrijfsleider werkt, zal te zijner tijd worden voortgezet door de dochter van de huidige bazin. Adriaan kreeg begin december een lichte beroerte; de tekenen ervan zijn betrekkelijk gering en revalideerbaar.
Naar verluidt liet de dochter, die intussen ook al wat touwtjes in handen heeft, onlangs twee gelijksoortige opmerkingen ontvallen.
“Heeft hij een niet iets te scheve mond om hier nog te verschijnen?” “Straks is het mijn hotel en is er voor kreupelen geen plaats.”
Van kreupelheid is geen sprake (hij heeft het lopen vrijwel feilloos onder de knie) en voor wie van niets weet, zal over hooguit twee maanden niets aan Adriaans voorkomen herinneren aan dit nare oponthoud. Hij zal wellicht wel de kunst hebben verstaan het langzaam aan te doen.
Het is een plezierige kerel, heeft humor en kan onbedaarlijk lachen. Salomé, een wicht dat geen scrupules kent en dat zowel fysiek als verstandelijk van licht gewicht is, dat calculerend van aard is, heeft hem diep gekwetst; haar opmerkingen vormen de toon van het einde. Haarscherp wordt omlijnd door wie tot de mensheid behoort en wie niet. Het is niet zomaar naïef, platvloers of onfatsoenlijk, het is een vernederende krenking ergens uit het land van vandaag. Het schuurt de ziel met zo’n stalen spons, eerst die van Adriaan maar ook die van mij. Het lijkt wel of we geen morele taal meer hebben om dit ‘type houding’ neer te sabelen. Alle woorden waarop ik een beroep wil doen, lijken versleten en onverstaanbaar geworden.
Bestaan er nog morele idealen? Het doet me denken aan Amadeu de Prado - wiens leven Gregorius Mundus zo fascinerend wist te reconstrueren - die om vergelijkbare redenen een andere taal wilde ontwikkelen, maar zijn prachtige maar ook complexe motivering kan ik er nu helaas niet op naslaan.
Een roos gelijk een zwaard. Zo is het leven. Schitterend, verleidelijk en verderfelijk.
Salomé, altijd in blouses waaraan je niet kunt zien hoe haar borsten vermoedelijk zijn en elke dag haar voeten gestoken in opvallend aanwezige pumps, heeft gemankeerde, fletse, gedachten, is innerlijk arm en koud, ongenaakbaar achter een geconstrueerd masker. Welk lot zal de indringer zijn van het lichaam waarin zij al ongeveer dertig jaar te gast is, de indringer die haar onomkeerbaar doet beseffen hoe dun de lijn is tussen perfectie en kreupelheid? De ‘gedaante’ van de indringer is helemaal niet van belang, maar wat deze doet dat haar tot deugd zal zijn. Dan pas weten we wie zij werkelijk is.


[ © MN, voor Adriaan geschreven bij volle maan, 25 januari. De titel verwijst naar het boek van Felipe Fernandez-Armesto.
Ik heb als metafoor Salomé genoemd, omdat zij, de dochter van koning Herodes, Johannes de Doper onthoofdde.
Afbeelding: schilderij Salomé van Lammert Boerma. Geplaatst door Chrisje]

zondag, januari 27, 2008


De kunst het bestaan lichter te maken

Op het stille eenzame pad
van het gesticht hobbelt een karretje
Kiest de dichter het hazenpad?

Er is geen regel meer die hem pijnigt, geen mens
die hem iets in de weg legt, maar het lijkt er op
alsof hij op reis wil en toch weerhouden wordt.

Je ideeën lijken soms sterker dan de werkelijkheid
En daar is feitelijk maar één antwoord op,
In hemelsnaam, leef in de tegenwoordigheid.

Nietzsche zegt: er komt nog wat bij: “Amor fati”.
Dat is waar. De nabijheid ervan wisselt met opstand,
maar het brengt gemoedsrust en, zoals liefde, het inspireert.

[©MN in ‘Levenskunst.’ Painting: ‘Presence’ door Michael Gibbons. Geplaatst door Chrisje]

zondag, januari 20, 2008


Wat is 'goed' leven?

Blijheid in een gebroken hart



In bijna verblindende stofwolken

van een familiedrama verschijnt

plots een meisje. Ze heet Liza.



Wat is ze mooi. De handen

licht en verlegen gevouwen

over haar buikje van meisje tot vrouw.



In de troost van pijn en tranen

waren zij innig en lievig bijeen,

een vrucht gegeven.



Peter heeft niet geweten

dat hij nog een taak zou hebben. We weten

niet wat bedoeling is of toeval.



De familie wil rust en tijd,

tijd en adem. Is het in de kern niet zÓ

dat wat héél is, heel 'moet' mogen blijven?





[©MN, in "Altijddurende liefde voor de moeder". Wat waardevol is moeten we niet

verlaten, als variant op de regel van Lucebert, 'alles van waarde is weerloos'.

Afbeelding:
'Prayer to the Night Winds' by Driven Crazy. Geplaatst door Chrisje]

zaterdag, januari 05, 2008




De witte ridder

Strijd is het woord niet. De jongen van veertien
vocht met vastberadenheid, ontroering en zachtmoedigheid
voor het behoud en de terugkeer van zijn vader
uit de witte slaap en schemer van het ziekbed.

Het baatte niet, midden in
wat de hoop heet te zijn, legde een hartinfarct
het leven stil. In het schrijnend leed zei
de jongen dat zij beiden in elkaar zouden voortleven.

Zijn tweelingbroer is het stille water
en breekt zijn evenwicht. De ridder spoedt
zich dagen achtereen naar het ziekenhuis;
het is op de valreep maar het leven won het van de dood.

Alsof de tragiek nog niet rond genoeg was,
werd de ridder door een auto geschept en geraakte
voor zeven bange dagen in coma
en stierf, elk hart verscheurend.

Een jongen, rein en onvervaard in de drafjaren
van zijn jeugd, komt zo vroegtijdig terug bij de vader
die hij niet verliezen wilde, terwijl niemand denken zal
dat hij mogelijk zijn levenstaken heeft volbracht.

[©MN, in “Altijddurende liefde voor een moeder”.
Tevens een hommage aan Peter, een vrolijke, wijze,
Vlaamse jongen van 14 jaar; hij overleed op 5 december 2007

foto: Hildegarde van den Camp]
Geplaatst door Erna.