dinsdag, december 29, 2009
vrijdag, december 25, 2009

Ook dieren symboliseren wat met kerst wordt gevierd
Zij kijkt terecht niet geheel argeloos meer, maar is vastberaden het weerloze te beschermen opdat het zich in die veiligheid kan ontplooien. Als kerst daarover niet gaat, heb ik het nooit begrepen.
Geborgenheid, warmte en waardigheid, moge deze drie woorden genoeg zijn voor een herinneringsvolle kerst die tevens de inleiding is voor het jaar dat erop volgt, 2010.
Allemaal een zalig kerstfeest.
[© MN, Kerstmis 2009. “Save in the arms of love” by Sandy Powers.]
Zij kijkt terecht niet geheel argeloos meer, maar is vastberaden het weerloze te beschermen opdat het zich in die veiligheid kan ontplooien. Als kerst daarover niet gaat, heb ik het nooit begrepen.
Geborgenheid, warmte en waardigheid, moge deze drie woorden genoeg zijn voor een herinneringsvolle kerst die tevens de inleiding is voor het jaar dat erop volgt, 2010.
Allemaal een zalig kerstfeest.
[© MN, Kerstmis 2009. “Save in the arms of love” by Sandy Powers.]
donderdag, december 24, 2009

Een bondgenoot
En twee jaar geleden ging Henk,
onze oude buurman, een geziene vriend
van vele verhalen, -
meningen ook, maar was hem iets te bar,
dan werd hij luchtig, verlegen en lachte,
‘het zal mijn tijd wel duren’.
Zeven jaar eerder verloor hij hartenvrouw,
voor wie hij jarenlang zorgde in de tekens
van geduld, eenvoud en compassie.
Een lieve oude man, nederig en vlijtig
en zorgzaam, een man in de sporen
van zijn vader, een ‘hoender-man’*,
een trouwe huisman die elke dag
glunderend begroette, op vaste tijden
in een versleten stoffeerderjas, een gastvrije
heer, zuinig en sober, maar rijk
in tolerantie en vriendschap, honderden
gesprekjes tekenden ons verbond.
[© MN, in ‘Bezield leven’. IM Henk Peters, 7 december 1924 – 24 december 2007. De hoender is een speciaal kippenras; Henk dacht er over, na vijftig jaar, ermee te stoppen want de zorg werd hem teveel. Daags voor kerstmis overviel hem de dood. Te dichtbij nog, - ja, Uvi herinnert me aan Stef Bos en ik parafraseer hem, “Zijn dood is me nog te groot voor woorden.” Hij was/is me een erg dierbare mens. Gehinderd door de pijn ben ik helaas opnieuw ontrouw in weblogbezoek.
En twee jaar geleden ging Henk,
onze oude buurman, een geziene vriend
van vele verhalen, -
meningen ook, maar was hem iets te bar,
dan werd hij luchtig, verlegen en lachte,
‘het zal mijn tijd wel duren’.
Zeven jaar eerder verloor hij hartenvrouw,
voor wie hij jarenlang zorgde in de tekens
van geduld, eenvoud en compassie.
Een lieve oude man, nederig en vlijtig
en zorgzaam, een man in de sporen
van zijn vader, een ‘hoender-man’*,
een trouwe huisman die elke dag
glunderend begroette, op vaste tijden
in een versleten stoffeerderjas, een gastvrije
heer, zuinig en sober, maar rijk
in tolerantie en vriendschap, honderden
gesprekjes tekenden ons verbond.
[© MN, in ‘Bezield leven’. IM Henk Peters, 7 december 1924 – 24 december 2007. De hoender is een speciaal kippenras; Henk dacht er over, na vijftig jaar, ermee te stoppen want de zorg werd hem teveel. Daags voor kerstmis overviel hem de dood. Te dichtbij nog, - ja, Uvi herinnert me aan Stef Bos en ik parafraseer hem, “Zijn dood is me nog te groot voor woorden.” Hij was/is me een erg dierbare mens. Gehinderd door de pijn ben ik helaas opnieuw ontrouw in weblogbezoek.
Afbeelding: Henk met een van zijn geliefde hoenders, foto van Luuk Hans.]
woensdag, december 23, 2009

Onze harten, je woonstee
De dag van haar moeder’s dood,
hier duizend voetstappen vandaan,
blijft een strik in het jaar, -
het waren maanden vol dagelijkse
zorg en voorlezen; haar onwetendheid
kantelde langzaam naar het besef
van sterfelijkheid, haar einde in klare
zucht, “Ze gaan hier allemaal dood”
tekende haar laatste bed, zij lag gereed
met ons starend, warm om haar heen, even wakker,
dan een lange diepe slaap en plots de ademnood,
‘ga heen, je vrede nemen we van je over’.
[© MN, IM Riet Christ-van Haaften, 22-06-1919 * 23-12-2005. Afbeelding: “Heart shaped” by Christopher Stanczyk.]
De dag van haar moeder’s dood,
hier duizend voetstappen vandaan,
blijft een strik in het jaar, -
het waren maanden vol dagelijkse
zorg en voorlezen; haar onwetendheid
kantelde langzaam naar het besef
van sterfelijkheid, haar einde in klare
zucht, “Ze gaan hier allemaal dood”
tekende haar laatste bed, zij lag gereed
met ons starend, warm om haar heen, even wakker,
dan een lange diepe slaap en plots de ademnood,
‘ga heen, je vrede nemen we van je over’.
[© MN, IM Riet Christ-van Haaften, 22-06-1919 * 23-12-2005. Afbeelding: “Heart shaped” by Christopher Stanczyk.]
maandag, december 21, 2009

Elk beeld, elke foto en schilderij vertellen een eigen verhaal, dat is juist de schoonheid ervan (42)
Meditatie, tussen chaos en orde
De stilte die zo beklemmend en
bevrijdend kan zijn, maar in het leven
vandaag ook zo ver te zoeken is, de stilte
die velen zo benauwend lijkt en
ontvlucht wordt, liever de haast dan
de rust, die stilte kan met dichte ogen
gedacht worden en steevast gevonden
op elk wenselijk moment, er onvermoed door
omhelsd vinden we heiligheid en verlossing.
[© MN, in de reeks vertellende beelden, nr. 42. Denk aan de zegswijze van Kahlil Gibran: “Een schildpad weet meer van de weg te vertellen dan de haas.” Afbeelding: Collage, van links naar rechts foto’s van Lazar, Jessica Eik, Helder Mendes en Vladapop.]
Meditatie, tussen chaos en orde
De stilte die zo beklemmend en
bevrijdend kan zijn, maar in het leven
vandaag ook zo ver te zoeken is, de stilte
die velen zo benauwend lijkt en
ontvlucht wordt, liever de haast dan
de rust, die stilte kan met dichte ogen
gedacht worden en steevast gevonden
op elk wenselijk moment, er onvermoed door
omhelsd vinden we heiligheid en verlossing.
[© MN, in de reeks vertellende beelden, nr. 42. Denk aan de zegswijze van Kahlil Gibran: “Een schildpad weet meer van de weg te vertellen dan de haas.” Afbeelding: Collage, van links naar rechts foto’s van Lazar, Jessica Eik, Helder Mendes en Vladapop.]
zondag, december 20, 2009

A meditation
“Love is not primarly a relationship to a specific person ; it is an attitude, an orientation of character which determines the relatedness of a person to the world as a whole, not towards one ‘object’ of love. If a person loves only one other person and is indifferent to the rest of his fellow men, his love is not love but a symbiotic attachment, or an enlarged egotism. Yet, most people believe that love is constituted by the object, not by the faculty. In fact, they even believe that it is a proof of the intensity of their love when they do not love anybody except the ‘loved’ person.” (Erich Fromm)
[Afbeelding: schilderij ‘Vrede op aarde’ van Amberoos.]
“Love is not primarly a relationship to a specific person ; it is an attitude, an orientation of character which determines the relatedness of a person to the world as a whole, not towards one ‘object’ of love. If a person loves only one other person and is indifferent to the rest of his fellow men, his love is not love but a symbiotic attachment, or an enlarged egotism. Yet, most people believe that love is constituted by the object, not by the faculty. In fact, they even believe that it is a proof of the intensity of their love when they do not love anybody except the ‘loved’ person.” (Erich Fromm)
[Afbeelding: schilderij ‘Vrede op aarde’ van Amberoos.]
zaterdag, december 19, 2009

De romanticus
Zie toch de vreugde van de jongen en de duif,
de duif die onvermoeid onze boodschap
toont, alleen of met velen.
Hij wordt verwelkomd, al kent de vrede
zware condities en wordt hij even hard weer
weggehoond. De duif, de bezorger van een dilemma –
een vogel en vrede, een woord in zijn veren,
zie hoe hij neerdaalt, weerloos,
maar altijd zeker van zijn belofte.
[© MN, ‘Het kleine geluk’. Afbeelding: ”My pigeon” by Agus Gunawan.]
Zie toch de vreugde van de jongen en de duif,
de duif die onvermoeid onze boodschap
toont, alleen of met velen.
Hij wordt verwelkomd, al kent de vrede
zware condities en wordt hij even hard weer
weggehoond. De duif, de bezorger van een dilemma –
een vogel en vrede, een woord in zijn veren,
zie hoe hij neerdaalt, weerloos,
maar altijd zeker van zijn belofte.
[© MN, ‘Het kleine geluk’. Afbeelding: ”My pigeon” by Agus Gunawan.]
donderdag, december 17, 2009

Leven is lijden
Angst essen Seele auf
Het is wit en koud, het seizoen
kent zijn eigenschappen nog, de mijne
zijn verward, ik beheer mijn schatten slecht.
Simon zei: “Je moet niet klagen, maar kranig zijn”,
maar op ’t eiland, mijn zielsdomein, daar huilt
mijn pijn de zwanenzang, de schrale klank
van het bekende drama, het is die vogelkop
en de ledematen van een versleten dichter, ja,
“de mens heeft ellende en heeft een straat”,
zei Bilderdijk, al weten we niets van ons lot
en moet God nog spreken, nauwelijks
een woord ontsnapt nu mijn hart.
[© MN, ‘De man en zijn ziel’. “ "Hoor, hoe mijn levenswil schreeuwt", schreef een dichter eens. "Angst ….” naar een melodrama van Rainer Werner Fassbinder. Afbeelding: “Going home” by Jacek Stefan.
Angst essen Seele auf
Het is wit en koud, het seizoen
kent zijn eigenschappen nog, de mijne
zijn verward, ik beheer mijn schatten slecht.
Simon zei: “Je moet niet klagen, maar kranig zijn”,
maar op ’t eiland, mijn zielsdomein, daar huilt
mijn pijn de zwanenzang, de schrale klank
van het bekende drama, het is die vogelkop
en de ledematen van een versleten dichter, ja,
“de mens heeft ellende en heeft een straat”,
zei Bilderdijk, al weten we niets van ons lot
en moet God nog spreken, nauwelijks
een woord ontsnapt nu mijn hart.
[© MN, ‘De man en zijn ziel’. “ "Hoor, hoe mijn levenswil schreeuwt", schreef een dichter eens. "Angst ….” naar een melodrama van Rainer Werner Fassbinder. Afbeelding: “Going home” by Jacek Stefan.
(Even nagezocht wélke dichter, het is J. A. van Dér Mouw, 1863 - 1919 - Hoor, hoe 'k schreeuw mijn levenswil.)]
woensdag, december 16, 2009

Als handen vol licht
naar een nog onbenoembare andere tijd
Er had zich een vriendschap gestrengeld dwars
door twee geliefden voordat het onherroepelijke
van ver hier boven voltrokken werd.
De man bleek een sterk verwante ziel, in weinig
reeds te herkennen, maar belde me om de kern ervan
door te geven, de hemel vond het goed, -
ik hoorde de gebroken, maar vaste stem en gaf hem
zonder aarzelen maar zielstrillend de belofte
wat in het mysterie van vriendschap verborgen lag
en zo konden we elkaar loslaten en ieder onze weg
vervolgen, de weg van het nieuwe verbond dat kennelijk
reeds geschreven was, al ademde als gerijpt koren.
Het is de akker van zijn leven, een onuitwisbare
herinnering die zich, geploegd en wel, voortzet in al
wat van waarde is en een eigen verschijning krijgt.
[© MN, in ‘In de geest van Israfel’. Een nagedachtenis en overweging, Jan van der Hart 5 juni 2009. Wat kan het leven toch onverwacht verrijkend zijn. Wat een bron van verwondering. Jan zou vandaag, 16 december, 80 zijn geworden. 80 Jaar is een mooie leeftijd, maar gelukkig geen eindstreep. Ieder komt en gaat op een eigen streepje van een jaar.
naar een nog onbenoembare andere tijd
Er had zich een vriendschap gestrengeld dwars
door twee geliefden voordat het onherroepelijke
van ver hier boven voltrokken werd.
De man bleek een sterk verwante ziel, in weinig
reeds te herkennen, maar belde me om de kern ervan
door te geven, de hemel vond het goed, -
ik hoorde de gebroken, maar vaste stem en gaf hem
zonder aarzelen maar zielstrillend de belofte
wat in het mysterie van vriendschap verborgen lag
en zo konden we elkaar loslaten en ieder onze weg
vervolgen, de weg van het nieuwe verbond dat kennelijk
reeds geschreven was, al ademde als gerijpt koren.
Het is de akker van zijn leven, een onuitwisbare
herinnering die zich, geploegd en wel, voortzet in al
wat van waarde is en een eigen verschijning krijgt.
[© MN, in ‘In de geest van Israfel’. Een nagedachtenis en overweging, Jan van der Hart 5 juni 2009. Wat kan het leven toch onverwacht verrijkend zijn. Wat een bron van verwondering. Jan zou vandaag, 16 december, 80 zijn geworden. 80 Jaar is een mooie leeftijd, maar gelukkig geen eindstreep. Ieder komt en gaat op een eigen streepje van een jaar.
Afbeelding: “Golden morning” by Dare Turnsek.]
zaterdag, december 12, 2009

De herschepping van mijn rijk
Een onherroepelijk voorbije tijdsfeer,
van leven en dood, beide, op de rand van wanhoop,
van het absurde, maar er lijkt een herbegin.
Er ging zoveel te gronde, en ik,
bezeten van vruchtbaarheid en gloeiende
hoop op het ongewetene,
ik ging het vrouwelijk duister in,
stichtte in mijzelf de verwarring, kreeg dreun
na dreun, geslagen door onoverwinnelijke
pijn, vermengd met angst, zag toe hoe mijn land
in vlammen ging, de dichter met de vogelkop,
de scheppingswellusteling, -
terwijl het hoogst rumoerig is, het waait, het
stormt, ze lopen straks in en uit
en maken al mijn stille uren ongewis.
Alles is nog zeer jong. Anders dan alles
wat voorafgegaan is, in een vuurzee van hoop
op een herbegin in mijn kleine rijk.
[© MN, ‘De man en zijn ziel’. Jules Deelder zei eens: “Dat je teweegbrengt is belangrijker dan wat je teweegbrengt.”
Een onherroepelijk voorbije tijdsfeer,
van leven en dood, beide, op de rand van wanhoop,
van het absurde, maar er lijkt een herbegin.
Er ging zoveel te gronde, en ik,
bezeten van vruchtbaarheid en gloeiende
hoop op het ongewetene,
ik ging het vrouwelijk duister in,
stichtte in mijzelf de verwarring, kreeg dreun
na dreun, geslagen door onoverwinnelijke
pijn, vermengd met angst, zag toe hoe mijn land
in vlammen ging, de dichter met de vogelkop,
de scheppingswellusteling, -
terwijl het hoogst rumoerig is, het waait, het
stormt, ze lopen straks in en uit
en maken al mijn stille uren ongewis.
Alles is nog zeer jong. Anders dan alles
wat voorafgegaan is, in een vuurzee van hoop
op een herbegin in mijn kleine rijk.
[© MN, ‘De man en zijn ziel’. Jules Deelder zei eens: “Dat je teweegbrengt is belangrijker dan wat je teweegbrengt.”
Afbeelding: “In the middle of change” by Jure Kravanja.]
vrijdag, december 11, 2009

Elk beeld, elke foto of schilderij vertelt een eigen verhaal, dat is juist de schoonheid ervan (41)
Veel mensenverhalen kunnen nog zo tragisch zijn om aan te horen, maar de oprechtheid ervan is de schoonheid. Het verhaal van deze man ken ik niet, maar de intensiteit van de emotie in het zo goed als lege landschap met een onbekommerd doorgrazende koe, zegt hoe diepgravend de man zoekt naar motieven en argumenten, naar drijfveren en emoties, en of hij nu ergens spijt van heeft of niet, het is het leven dat hem stevig naar z’n kop grijpt, waar hij naar binnen gaat en spit naar wie hij is en wat hij ervan vindt wat er blijkbaar van is geworden. Ook al weten we niet waarover het gaat, het is de man die alleen is en diep in zijn ziel tast naar wat wij niet weten maar wat hem in de diepste ernst brengt van zijn zoektocht in de verlorenheid.
[© MN, in de reeks verhalende beelden, nr. 41. Afbeelding: “No regrets”, (besluit) de fotograaf Adi Popa.]
Veel mensenverhalen kunnen nog zo tragisch zijn om aan te horen, maar de oprechtheid ervan is de schoonheid. Het verhaal van deze man ken ik niet, maar de intensiteit van de emotie in het zo goed als lege landschap met een onbekommerd doorgrazende koe, zegt hoe diepgravend de man zoekt naar motieven en argumenten, naar drijfveren en emoties, en of hij nu ergens spijt van heeft of niet, het is het leven dat hem stevig naar z’n kop grijpt, waar hij naar binnen gaat en spit naar wie hij is en wat hij ervan vindt wat er blijkbaar van is geworden. Ook al weten we niet waarover het gaat, het is de man die alleen is en diep in zijn ziel tast naar wat wij niet weten maar wat hem in de diepste ernst brengt van zijn zoektocht in de verlorenheid.
[© MN, in de reeks verhalende beelden, nr. 41. Afbeelding: “No regrets”, (besluit) de fotograaf Adi Popa.]
woensdag, december 09, 2009

Vertrouwen is een zegel op het hart
I must have some angels around me
De befaamde donkere dagen voor kerst,
benadrukt door aanhoudende kille regenval
weerspiegelen in mij geen somberheid, - maar
dat is onzin, alsof dat evident wél zo zou zijn, neen,
het is de verwondering over de mildheid, in dit duister
nergens te vermoeden, en het reikhalzend uitzien
naar het nieuwe jaar die verdonkeremaand worden, die
voorgoed onbestaanbaar leken en me een lesje
leren, er is niets dat vaststaat, lot en noodlot zijn ongelijk.
Dáár mag ik over 22 dagen op toasten,
op een levenslijn die keerpunten kent, op
perspectieven die verdwenen leken, plots tevoorschijn
zijn gekomen en me inspireren en de dichter
in zijn ‘oude jasje’ steken, dit oude jaar zal kantelen
en ik val niet om, ik word de manager van 2010.
Und Rilke? “Jede Wendung der Winde war
mir Wink oder Schrecken; jedes tiefe Entdecken
machte mich wieder zum Kinde.“
[© MN, in ‚De man en zijn ziel’. Geschreven op muziek van Beethoven, pianist Radu Lupu. Rainer Maria Rilke, Strophe in “Weihnachten 1923”. Afbeelding: Unbenannt, „Der Wachter“ (hier bij een graf, maar hij is overal) von Hans Jörgen Kötter.]
De befaamde donkere dagen voor kerst,
benadrukt door aanhoudende kille regenval
weerspiegelen in mij geen somberheid, - maar
dat is onzin, alsof dat evident wél zo zou zijn, neen,
het is de verwondering over de mildheid, in dit duister
nergens te vermoeden, en het reikhalzend uitzien
naar het nieuwe jaar die verdonkeremaand worden, die
voorgoed onbestaanbaar leken en me een lesje
leren, er is niets dat vaststaat, lot en noodlot zijn ongelijk.
Dáár mag ik over 22 dagen op toasten,
op een levenslijn die keerpunten kent, op
perspectieven die verdwenen leken, plots tevoorschijn
zijn gekomen en me inspireren en de dichter
in zijn ‘oude jasje’ steken, dit oude jaar zal kantelen
en ik val niet om, ik word de manager van 2010.
Und Rilke? “Jede Wendung der Winde war
mir Wink oder Schrecken; jedes tiefe Entdecken
machte mich wieder zum Kinde.“
[© MN, in ‚De man en zijn ziel’. Geschreven op muziek van Beethoven, pianist Radu Lupu. Rainer Maria Rilke, Strophe in “Weihnachten 1923”. Afbeelding: Unbenannt, „Der Wachter“ (hier bij een graf, maar hij is overal) von Hans Jörgen Kötter.]
maandag, december 07, 2009

Elk beeld vertelt zijn eigen verhaal, dat is juist de schoonheid ervan (40)
Toen ik deze foto zag, dacht ik meteen: ‘een hommage aan de mensheid’, niets aan de schoonheid in ieders levensloop gaat in de loop der tijd voorbij, nooit zul je voor vertedering, ontroering en blijheid te oud zijn. Meer hoef je toch eigenlijk niet te zeggen? Allebei hebben een lange geschiedenis, een die nog niet ‘voltooid’ is, maar desondanks is er nog de verrukking van de liefde. Méér wil ik er ook niet aan toevoegen; het is een prent die ik zo wil inlijsten, een prent als een monument, - authentiek en universeel.
[© MN, in de reeks vertellende foto’s, schilderijen, beelden, deel 40. Afbeelding: “Our first night” by Mihnea Turcu. Somewhere in Romania.]
zaterdag, december 05, 2009

Geen pad lijkt nog onbegaanbaar
Als je ooit wilt winnen, moet je ook durven verliezen*
‘Ga enkel het pad dat een hart heeft’, niet dat dit me altijd is gelukt, maar het is wel mijn adagium. En nu er veranderingen op til staan want Chrisje gaat verhuizen, merken we dat het bij ons wellicht aan het nodige heeft gemankeerd, maar het hart, het bonst wat anders maar heel vertrouwd en dat maakt veel mogelijk, alsof de weg naar de terugtocht al is geplaveid.
Ik zei Gerhard van ‘Tagelus’ eens, “probeer je leven te laten kantelen, zonder om te vallen”, nou zoiets is hier nu aan het gebeuren. Had ik een moeilijk jaar en er een zwaar hoofd in hoe het toch verder met mij moest, nu is het anders. De pijn is draaglijk, ik leef alleen, ik bedoel zonder liefje, maar met vele liefdes om me heen want in vriendschap huist soms meer liefde dan vriendschap in één liefde.
Dat Chrisje en ik zijn gescheiden maar nog lange tijd hebben samengewoond, is voor niemand nieuws, dus zonder schroom blijf ik bij mijn eigen leven. Ik teer niet alleen op eigen innerlijke gevoelens, maar voel me ontvankelijk tegenover de wereld buiten me. Ik laat het leven op me inwerken en zo word ik, opnieuw, door het leven gevormd. Het trilt in de lucht. Ik proef weer het heerlijke leven, zo klein als ik ben, het leven dat ook zo wreed, zo vernietigend kan zijn. Ik ken het lelijke van binnenuit, maar ook de schoonheid want ik gelóóf in het leven en heb de dood onder m’n huid gevoeld. Nee, alsjeblieft geen mooidoenerij. Maar ik ben blijven werken, ma raison d’être, ofschoon vaak met vele uren stilstand omdat de pijn overal doorheen drong. Maar werken, ik bedoel schrijven en lezen, hoe beroerd ik me ook voelde, is mijn redding geweest want ik heb het niet voor gezien gehouden, werken is denk ik ook de rechtvaardiging van mijn bestaan.
Strijdend werken, bijna voortdurend stil en gespannen nadenken. Een orde-zoekend mens, zo voel ik me althans nu weer, meer terug bij wie ik ben. Daarom ook, en hoe wij het tastend en vechtend naar het goede hebben volbracht nu de scheiding feitelijk wordt gerealiseerd, kon ik een gedicht voor haar schrijven, “(..) Jaren van saamhorigheid, maar ook van veel lelijkheid hebben het huis in vlammen gezet, maar de geboren eenheid heeft het gewonnen, niet de vijandschap, die heeft ons de weg terug gewezen.”
Die stilstand in de tijd had niet alleen met pijn te maken, maar was ook situationeel. Het huis staat al zeer lange tijd te koop, er zijn veel bezichtigingen geweest, maar verder gebeurde er niets, nu al maandenlang niet meer. Een tijd van geduld, een tijd van wachten, soms een tijd van verveling. Is dat verloren tijd? In een samenleving waarin alles op de klok loopt misschien wel. In mijn beleving voelde dat wachten als perspectiefloos en vooral omdat ik slecht uit de voeten kan, afhankelijk ben, werd die tijd, terwijl er niets gebeurde, een tijd van stress en ook daarom van verhevigde pijn, maar het was geen dode of verloren tijd. Gespannen nadenken, wachten, me vervelen, lezen, schrijven, dat is leven naar de innerlijke tijd. Geen agenda of deadlines, er is mens noch klok die mij ergens toe dwingt, eenvoudig doordat ik buiten de maatschappelijke conventies leef en dus nergens aan hoef te ‘gehoorzamen’. Een, in vergelijking met mensen die werken en in een externe, rusteloze tijd leven, vertraagde tijd dus, en was ik in mijn ‘oude doen’ en gezond gebleven, dan was deze weblog, als uitdrukking van denken en persoonlijke creativiteit, er nooit geweest terwijl die voor mij van fundamenteel belang is geworden.
Leven naar de externe tijd, wat voor velen noodzakelijk en onvermijdelijk is, heeft als nadeel dat men altijd maar druk is. En ik geloof langzamerhand dat het ‘druk zijn’, vaak en ook door mij gezien als cliché-excuus of uitvlucht, een werkelijk innerlijk gespannen drukte is. Het is een reële druk. De externe tijd, het leven op de klok, maakt mensen onvrij, ‘maar ik kom er niet aan toe jôh’. (Misschien dat bij toplui daar ook het graaien vandaan komt, dat ze zelf zo niet noemen omdat ze het moreel juist vinden – ‘ze geven hun leven’, menen ze.) Ik herinner me dat boekje nog van Doris Lessing, een essay over ‘de mens in zelfgekozen gevangenschap’. Zelfgekozen zou ik niet zeggen, eerder noodgedwongen, dat is wezenlijk anders.
Dat ik in het begin zei, dat werken mijn redding is geweest, lijkt in tegenspraak, maar het is werken naar de innerlijke tijd en het betekent een zinvolle invulling van mijn leven. Ik had ook in lethargie kunnen vervallen, volkomen passief, ondoordringbaar, een nog ademend lichaam. Neen, dit is geen gemakkelijk leven, laat staan comfortabel, maar er blijkt mee te leven. Het nadert dicht bij wat ik ooit over thuisloze mensen schreef, ‘het onmogelijke leven zien te leven, dat is van velen toch de wonderlijke kracht’. Ik ben een bevoorrecht mens, een man die zich dichter noemt omdat ik zonder de warmte van mensen niet leven kan en als dichter mijn leven schrijf.
“In 1968 ging het IJzeren Gordijn tijdens de Praagse lente heel even op een kier. De 19-jarige jongeman vluchtte. Het was een vlucht naar voren”, een heel andere tijd tegemoet, een nieuwe tijd waarin hij niet meer slechts hoefde te dromen van de vrijheid. Dat boek ga ik nu lezen.
[© MN, “De adem van een dag” Met excuses voor de onverwachte lengte.
Het boek? “De vuurvliegjes achterna” van Martin Šimek (naar *), het ruikt heerlijk, een boek van de Bezige Bij. Half zes at ik mijn spaghetti en vanillevla, natuurlijk, koffie en sigaretje(s), om half negen was ik op pag. 114, fascinerend en waarachtig ontroerend. Tussendoor maakte ik nog een schets van het ‘nieuwe interieur’. Zestig jaar, een man met toekomst. "Je moet niet klagen, maar kranig zijn", zei Simon Vinkenoog.
Afbeelding: “Roads go ever, ever on” by Mark Peters.]
Als je ooit wilt winnen, moet je ook durven verliezen*
‘Ga enkel het pad dat een hart heeft’, niet dat dit me altijd is gelukt, maar het is wel mijn adagium. En nu er veranderingen op til staan want Chrisje gaat verhuizen, merken we dat het bij ons wellicht aan het nodige heeft gemankeerd, maar het hart, het bonst wat anders maar heel vertrouwd en dat maakt veel mogelijk, alsof de weg naar de terugtocht al is geplaveid.
Ik zei Gerhard van ‘Tagelus’ eens, “probeer je leven te laten kantelen, zonder om te vallen”, nou zoiets is hier nu aan het gebeuren. Had ik een moeilijk jaar en er een zwaar hoofd in hoe het toch verder met mij moest, nu is het anders. De pijn is draaglijk, ik leef alleen, ik bedoel zonder liefje, maar met vele liefdes om me heen want in vriendschap huist soms meer liefde dan vriendschap in één liefde.
Dat Chrisje en ik zijn gescheiden maar nog lange tijd hebben samengewoond, is voor niemand nieuws, dus zonder schroom blijf ik bij mijn eigen leven. Ik teer niet alleen op eigen innerlijke gevoelens, maar voel me ontvankelijk tegenover de wereld buiten me. Ik laat het leven op me inwerken en zo word ik, opnieuw, door het leven gevormd. Het trilt in de lucht. Ik proef weer het heerlijke leven, zo klein als ik ben, het leven dat ook zo wreed, zo vernietigend kan zijn. Ik ken het lelijke van binnenuit, maar ook de schoonheid want ik gelóóf in het leven en heb de dood onder m’n huid gevoeld. Nee, alsjeblieft geen mooidoenerij. Maar ik ben blijven werken, ma raison d’être, ofschoon vaak met vele uren stilstand omdat de pijn overal doorheen drong. Maar werken, ik bedoel schrijven en lezen, hoe beroerd ik me ook voelde, is mijn redding geweest want ik heb het niet voor gezien gehouden, werken is denk ik ook de rechtvaardiging van mijn bestaan.
Strijdend werken, bijna voortdurend stil en gespannen nadenken. Een orde-zoekend mens, zo voel ik me althans nu weer, meer terug bij wie ik ben. Daarom ook, en hoe wij het tastend en vechtend naar het goede hebben volbracht nu de scheiding feitelijk wordt gerealiseerd, kon ik een gedicht voor haar schrijven, “(..) Jaren van saamhorigheid, maar ook van veel lelijkheid hebben het huis in vlammen gezet, maar de geboren eenheid heeft het gewonnen, niet de vijandschap, die heeft ons de weg terug gewezen.”
Die stilstand in de tijd had niet alleen met pijn te maken, maar was ook situationeel. Het huis staat al zeer lange tijd te koop, er zijn veel bezichtigingen geweest, maar verder gebeurde er niets, nu al maandenlang niet meer. Een tijd van geduld, een tijd van wachten, soms een tijd van verveling. Is dat verloren tijd? In een samenleving waarin alles op de klok loopt misschien wel. In mijn beleving voelde dat wachten als perspectiefloos en vooral omdat ik slecht uit de voeten kan, afhankelijk ben, werd die tijd, terwijl er niets gebeurde, een tijd van stress en ook daarom van verhevigde pijn, maar het was geen dode of verloren tijd. Gespannen nadenken, wachten, me vervelen, lezen, schrijven, dat is leven naar de innerlijke tijd. Geen agenda of deadlines, er is mens noch klok die mij ergens toe dwingt, eenvoudig doordat ik buiten de maatschappelijke conventies leef en dus nergens aan hoef te ‘gehoorzamen’. Een, in vergelijking met mensen die werken en in een externe, rusteloze tijd leven, vertraagde tijd dus, en was ik in mijn ‘oude doen’ en gezond gebleven, dan was deze weblog, als uitdrukking van denken en persoonlijke creativiteit, er nooit geweest terwijl die voor mij van fundamenteel belang is geworden.
Leven naar de externe tijd, wat voor velen noodzakelijk en onvermijdelijk is, heeft als nadeel dat men altijd maar druk is. En ik geloof langzamerhand dat het ‘druk zijn’, vaak en ook door mij gezien als cliché-excuus of uitvlucht, een werkelijk innerlijk gespannen drukte is. Het is een reële druk. De externe tijd, het leven op de klok, maakt mensen onvrij, ‘maar ik kom er niet aan toe jôh’. (Misschien dat bij toplui daar ook het graaien vandaan komt, dat ze zelf zo niet noemen omdat ze het moreel juist vinden – ‘ze geven hun leven’, menen ze.) Ik herinner me dat boekje nog van Doris Lessing, een essay over ‘de mens in zelfgekozen gevangenschap’. Zelfgekozen zou ik niet zeggen, eerder noodgedwongen, dat is wezenlijk anders.
Dat ik in het begin zei, dat werken mijn redding is geweest, lijkt in tegenspraak, maar het is werken naar de innerlijke tijd en het betekent een zinvolle invulling van mijn leven. Ik had ook in lethargie kunnen vervallen, volkomen passief, ondoordringbaar, een nog ademend lichaam. Neen, dit is geen gemakkelijk leven, laat staan comfortabel, maar er blijkt mee te leven. Het nadert dicht bij wat ik ooit over thuisloze mensen schreef, ‘het onmogelijke leven zien te leven, dat is van velen toch de wonderlijke kracht’. Ik ben een bevoorrecht mens, een man die zich dichter noemt omdat ik zonder de warmte van mensen niet leven kan en als dichter mijn leven schrijf.
“In 1968 ging het IJzeren Gordijn tijdens de Praagse lente heel even op een kier. De 19-jarige jongeman vluchtte. Het was een vlucht naar voren”, een heel andere tijd tegemoet, een nieuwe tijd waarin hij niet meer slechts hoefde te dromen van de vrijheid. Dat boek ga ik nu lezen.
[© MN, “De adem van een dag” Met excuses voor de onverwachte lengte.
Het boek? “De vuurvliegjes achterna” van Martin Šimek (naar *), het ruikt heerlijk, een boek van de Bezige Bij. Half zes at ik mijn spaghetti en vanillevla, natuurlijk, koffie en sigaretje(s), om half negen was ik op pag. 114, fascinerend en waarachtig ontroerend. Tussendoor maakte ik nog een schets van het ‘nieuwe interieur’. Zestig jaar, een man met toekomst. "Je moet niet klagen, maar kranig zijn", zei Simon Vinkenoog.
Afbeelding: “Roads go ever, ever on” by Mark Peters.]
donderdag, december 03, 2009

Het hart van elke aanbidding
So far away, so close
Ook hier kun je leeftijden bereiken, nu
totdat je er 45 jaar te ruste ligt Mam en het zijn
er pas 37, zolang ben je al gemist, maar
wees gerust, er komen nog heel wat jaren bij
dat we je kleine woonstede in ere houden want
hier ligt het geheim van je eeuwigheid.
Al zo lang je ogen toegedaan en
toch is zoveel droefenis je niet ontgaan; -
niet ver van hier is Erna aan je toegevoegd,
een verse wonde in ons leven, maar eerstens
in die van jou want de moeder is de mens
die wij aanbidden, de eerste die wij leren kennen.
Jij, mijn levensbron, ik mis je, je warmte
en veiligheid; - vele moeders worden zo oud met
een huid van cracalé, weet je nog, zoals van oma?
Het is fijn om aan je te denken, jij met hetzelfde warme
hart, je vertederende ogen, eigenlijk ben je niet eens
zo ver weg, jij, moeder van de dichter, hoor je me nog?
[© MN, IM Mimi Sterenberg, 13 mei 1923 - 3 december 1972. Afbeelding: „Mortal life” van Herman Smorenburg.]
So far away, so close
Ook hier kun je leeftijden bereiken, nu
totdat je er 45 jaar te ruste ligt Mam en het zijn
er pas 37, zolang ben je al gemist, maar
wees gerust, er komen nog heel wat jaren bij
dat we je kleine woonstede in ere houden want
hier ligt het geheim van je eeuwigheid.
Al zo lang je ogen toegedaan en
toch is zoveel droefenis je niet ontgaan; -
niet ver van hier is Erna aan je toegevoegd,
een verse wonde in ons leven, maar eerstens
in die van jou want de moeder is de mens
die wij aanbidden, de eerste die wij leren kennen.
Jij, mijn levensbron, ik mis je, je warmte
en veiligheid; - vele moeders worden zo oud met
een huid van cracalé, weet je nog, zoals van oma?
Het is fijn om aan je te denken, jij met hetzelfde warme
hart, je vertederende ogen, eigenlijk ben je niet eens
zo ver weg, jij, moeder van de dichter, hoor je me nog?
[© MN, IM Mimi Sterenberg, 13 mei 1923 - 3 december 1972. Afbeelding: „Mortal life” van Herman Smorenburg.]