
Soms met de ogen blind van smart. Onwrikbaar nu staat hier elk woord
Even rap iets pakken is er al lang niet meer bij, de moeite die dat kost onderdrukt de spontaniteit of het moet werkelijk van belang zijn maar dat is bij opwellingen meestal niet het geval. Het beweeglijke naar alle kanten op uit vanzelfsprekendheid of nonchalance van voorbijgangers (wat we uiteindelijk allemaal zijn, een voorbijganger, soms alsof het een illusie is dat je hebt bestaan) is nog vaak een pijnlijke confrontatie – maar ik vertel niets nieuws ,- wel dat het komisch was te zien hoe de rolstoel onder mijn neus er op de oprit – en dat is hier letterlijk zo, op-rit, een helling van pakweg 20% - met een noodvaart vandoor ging en 80 meter verder met de harde voorwieltjes tegen de stoeprand tweemaal over de kop sloeg.
Eenmaal in de taxibus kwam er een vierde passagier via de elektrisch bedienbare oplaadklep bij, een jonge, blijmoedige spastische vrouw die met haar bewegingen bijna mijn bril van de neus sloeg, waarop de chauffeur de veiligheidsgordels herzag zodat haar armen tijdens de verdere reis in toom gehouden werden. Ze was een stralend voorbeeld, een voorbeeld van aanvaarding bedacht ik want ze was zeer bij de tijd. “Dit is jouw wereldje, zo ongeveer dan”, drukte ik me op ’t hart, “houd ervan.”
Later ontmoette ik een kunstenaar in een door Odilia nooit eerder bezochte galerie. Ze wist evenmin dat het een Engelsman was die hier al jaren woont. Het woord galerie was niet echt misplaatst want er was uitsluitend ‘art’ te zien, schilderijen schots en scheef en in vele, vele rijen en stapels en verscheidene tafeltjes vol uiteenlopende keramiek. “Oh, I see … you need a chair, wait … I’m Clive, Clive Miller, the artist, and you …?” Ik stelde me voor “(….) and I’m an old poet.”
“No, don’t say that again, we need old poets! You know John Keats?”
“Yes, but he died in 1825, I believe 26 years old.”
“Doesn’t matter.”
“Right. He wrote an unforgettable ‘Ode to a Nightingale’.”
“I was a drummer, played with Pink Floyd.” Het gesprek waaide elke halve minuut naar elders. ‘A painter like a a bird.’ Details toonden dat hij het wel kon, maar er met de pet naar gooide.
Soms schrijf ik wat tekens van zwakheid en smart op. Waar ik in elke mensenzucht, in elke vloek, elk hart gelucht. Hieérr, schreeuwde ik nog, het hart van mijn ravijn. Niet méér te delven dan rauwe pijn waar ik brein-gesmede ketens hoor. Ik zucht nog wat, en verdwijn.
Ik zal toch moeten leren zeilen op de wind van vandaag. Zo teken ik mijn langsgaand gelaat. Laat ik me vermannen. Ik duw mijn hart dat reeds in mijn keel sloeg en me de adem benam, terug in mijn borst.
[© MN, ‘A poet’s past’. Al weken geleden schreef ik de titel van het gedicht dat ik voor Erna wil maken, “Als ik dood ben, denk ik nog aan je.” Odilia las hardop een regel voor die ze mooi vond, het bleek dezelfde, van Patricia de Martelaere. Ik wist het werkelijk niet, maar is dat wel waar? Afbeelding: “Back in time” by Stephoko.]
Even rap iets pakken is er al lang niet meer bij, de moeite die dat kost onderdrukt de spontaniteit of het moet werkelijk van belang zijn maar dat is bij opwellingen meestal niet het geval. Het beweeglijke naar alle kanten op uit vanzelfsprekendheid of nonchalance van voorbijgangers (wat we uiteindelijk allemaal zijn, een voorbijganger, soms alsof het een illusie is dat je hebt bestaan) is nog vaak een pijnlijke confrontatie – maar ik vertel niets nieuws ,- wel dat het komisch was te zien hoe de rolstoel onder mijn neus er op de oprit – en dat is hier letterlijk zo, op-rit, een helling van pakweg 20% - met een noodvaart vandoor ging en 80 meter verder met de harde voorwieltjes tegen de stoeprand tweemaal over de kop sloeg.
Eenmaal in de taxibus kwam er een vierde passagier via de elektrisch bedienbare oplaadklep bij, een jonge, blijmoedige spastische vrouw die met haar bewegingen bijna mijn bril van de neus sloeg, waarop de chauffeur de veiligheidsgordels herzag zodat haar armen tijdens de verdere reis in toom gehouden werden. Ze was een stralend voorbeeld, een voorbeeld van aanvaarding bedacht ik want ze was zeer bij de tijd. “Dit is jouw wereldje, zo ongeveer dan”, drukte ik me op ’t hart, “houd ervan.”
Later ontmoette ik een kunstenaar in een door Odilia nooit eerder bezochte galerie. Ze wist evenmin dat het een Engelsman was die hier al jaren woont. Het woord galerie was niet echt misplaatst want er was uitsluitend ‘art’ te zien, schilderijen schots en scheef en in vele, vele rijen en stapels en verscheidene tafeltjes vol uiteenlopende keramiek. “Oh, I see … you need a chair, wait … I’m Clive, Clive Miller, the artist, and you …?” Ik stelde me voor “(….) and I’m an old poet.”
“No, don’t say that again, we need old poets! You know John Keats?”
“Yes, but he died in 1825, I believe 26 years old.”
“Doesn’t matter.”
“Right. He wrote an unforgettable ‘Ode to a Nightingale’.”
“I was a drummer, played with Pink Floyd.” Het gesprek waaide elke halve minuut naar elders. ‘A painter like a a bird.’ Details toonden dat hij het wel kon, maar er met de pet naar gooide.
Soms schrijf ik wat tekens van zwakheid en smart op. Waar ik in elke mensenzucht, in elke vloek, elk hart gelucht. Hieérr, schreeuwde ik nog, het hart van mijn ravijn. Niet méér te delven dan rauwe pijn waar ik brein-gesmede ketens hoor. Ik zucht nog wat, en verdwijn.
Ik zal toch moeten leren zeilen op de wind van vandaag. Zo teken ik mijn langsgaand gelaat. Laat ik me vermannen. Ik duw mijn hart dat reeds in mijn keel sloeg en me de adem benam, terug in mijn borst.
[© MN, ‘A poet’s past’. Al weken geleden schreef ik de titel van het gedicht dat ik voor Erna wil maken, “Als ik dood ben, denk ik nog aan je.” Odilia las hardop een regel voor die ze mooi vond, het bleek dezelfde, van Patricia de Martelaere. Ik wist het werkelijk niet, maar is dat wel waar? Afbeelding: “Back in time” by Stephoko.]
8 opmerkingen:
Old Poets and wealth of wisdom:
"...als ik dood ben, denk ik nóg aan je..."
-als ik dood ben zal er niets veranderd zijn...-
Wijsheden, te vinden in verschillende religies en stromingen, mooie woorden die zo waar zijn en lijken, boeddhisme, Zen, Tao, noem maar op.
En dan kom je in een situatie dat er blijkbaar maar één ding over blijft te doen. Accepteren van hetgeen er is én niet meer is.
Wat een zware beproeving!
Iets zinnigs zou ik je willen zeggen, Marius...helaas zou ik dat zelfs waarschijnlijk niet eens kunnen als ik ooit in een soortgelijke situatie zou geraken...
Een vriendelijke groet, tja.
houden van je wereld is een mooi streven.
houden van wat het is.
Er is wat er is.
Houden van is de beste optie, maar niet altijd even makkelijk.
Wens je goede moed lieve poet!
X
Cath*
Aanvaarding, daar begint het mee. Je kunt niet anders. Moeilijk? ja, altijd, maar de enigste optie om alles in perspectief te houden. Ik hoop dat de pijn een beetje dragelijk is.
Testament
(Bron: Bram Vermeulen)
En als ik doodga huil maar niet; ik ben niet echt dood moet je weten
Het is de heimwee die ik achter liet, dood ben ik pas als jij die bent vergeten.
En als ik doodga treur maar niet, ik ben niet echt weg moet je weten
Het is het verlangen dat ik achter liet, dood ben ik pas als jij dit bent vergeten.
En als ik doodga huil maar niet, ik ben niet echt dood moet je weten
Het is maar een lichaam dat ik achter liet, dood ben ik pas als jij me bent vergeten
...
Deze is van Bram.
Dood maar nog lang niet vergeten.
Vandaag en hier
is hij weer een beetje verrezen.
“Dit is jouw wereldje, zo ongeveer dan”, drukte ik me op ’t hart, “houd ervan.”
Glimlach bij de "zo ongeveer dan".
Een mens is altijd zoveel méér dan zijn beperkingen en daar ben jij een schitterend bewijs van. Dapper dat je tot in die galerie geraakt bent. Beetje spijtig dat de man niet van de attentste was.
Ik duim mee dat je nieuwe gedicht voor je teergeliefde tweelingzus mag lukken.
acceptatie en de immer terugkerende vaak pijnlijke confrontaties die toch steeds even kunnen steken, in diverse beelden die zich voor het oog en zo even hun weg vinden langs het het hart te schampen. en toch telkens weer de weg tot het sobere maar verfijnde geluk terugvinden.
omhelzen..
en de rap rollende rolstoel..zou daar ook het humorischtische van inzien, het beeld van het ding an sich.
Verderop in je blog ook weer in waarde volle woorden.
Sluit nu maar hiermee af, n.a.v. je afbeelding:
http://www.youtube.com/watch?v=mEszTzdUMcY&feature=related
alle liefs,
Danny
Een reactie posten