Is muziek niet net als een boekDe componist die kunstenaar is, music … the intelligent emotion
Muziek is vooral een kwestie van smaak en daarom kan ik er vrijmoedig over schrijven, ook al zei ik Ferdinand, “Ik heb er geen verstand van, alleen, ‘Exploratie’, ja, dat is goud”. Zonder professionele kennis (weet ik veel wat octaven en driekwartsmaten zijn) stel ik vast dat het ‘goud’ is – bij een kwestie van smaak is alles geoorloofd; ‘smaak’ is niet iets van alleen de tong, maar appelleert aan al je zintuigen.
‘Exploratie’ van Ferdinand Groos. Iemand die dit magnifieke pianospel ‘zenuwengepingel’ noemt – dat is heel beroerd want degene die dit goud noemt, verdraagt zo’n oordeel niet (je wilt dat het gedeeld wordt, dan mag de muziek ook op ‘hard’) – die heeft denk ik niet de rust, of niet het geduld, te luisteren en soms te zoeken naar wat hier gebeurt. Ik ken Ferdinand van veel vroeger dan zijn muziek, en toch is het andersom want er verstreek meer dan vijfendertig jaar voordat ik zijn muziek hoorde en pas daarna ontmoetten we elkaar weer. Toen ik me dit realiseerde, ging ik mijn herinneringen eens na, en in die enorme verzameling ontdekte ik plots een element dat er ook vandaag weer is. Ik keek natuurlijk in het laatje ‘muziek’, waar luisterde ik naar, wat vond ik mooi? Nou, the Moody Blues bijvoorbeeld, the Beatles, Fats Domino, Garfunkel, David McWilliams (“Can I get there by candlelight” kan ik nog neuriën), later ook veel Cohen, maar géén van deze muziek won het van Jean Philippe Rameau, daar zette ik de ramen wijd bij open. Nu, ditzelfde zou ik bij ‘Exploratie’ ook weer doen – het is in mijn leven dus vrij zeldzaam dat muziek zo in mij doordringt dat ik de vensters opengooi, dat ik anderen wil laten delen in mijn geluk, in mijn ontroering, in iets dat echt is, dat roffelt op je ziel. Tonen en ritmes, klanken, melodieën die zich vastzetten, zodat de muziek er ook op stille momenten is en doen verlangen naar het luide uur. Als tekst levende muziek zou kunnen bevatten, zou ik het nu doorgeven, zo prachtig, zo vol van klank en hartstocht, op momenten zo feestelijk dat het de blijdschap, die altijd ergens in mensen huist of verborgen is, onmiddellijk tevoorschijn tovert. Telkens weer raak ik opgetogen, na honderd maal wel meer vertrouwd maar nog even hevig.
Een leek heeft het wel moeilijker dan een professional als hij een ‘kritiek’ schrijft over een muziekstuk. Ik ken het ambacht van de musicus niet en kan de virtuositeit nauwelijks vergelijken, maar tegelijk betwijfel ik of dat nou zo belangrijk is. Als ik maar kan uitleggen waarom het mij boeit, waarom die dubbel-cd hier soms de hele avond is te horen en me geen minuut verveelt. Menig cd zet ik halverwege uit, of vergeet ik, al kan ik ook gerust zeggen te kunnen genieten van ‘Canto Ostinato’ van Simeon ten Holt, pianospel dat verwant is aan het werk van Ferdinand. Niét verwant, al is het eveneens minimal music, en mooi is het werk van Philip Glass.
Nu eerst iets over de achtergrond van Ferdinand – zijn muziek heeft, evenals hij zelf en ieder van ons, een geschiedenis. Ferdinand Groos begon met piano spelen toen hij amper vier jaar oud was. Als getalenteerd kind kreeg hij vlot toegang tot allerlei faciliteiten om voor hem muziek te laten zijn wat het nog steeds is: de mogelijkheid om wat niet meer met taal kan worden uitgedrukt te verklanken in emotievolle thema's. Na zijn gymnasium beëindigde hij zijn piano-opleiding aan het conservatorium, waarna hij, daartoe aangezet door zijn ouders, filosofie studeerde in Nijmegen. Maar van meet af aan was al duidelijk dat (direct na het beëindigen van deze studie) de aantrekkingskracht van de 88 toetsen toch sterker was dan welke andere bezigheid ook. Wel zou de filosofiestudie zich later duidelijk manifesteren in zijn werken. Ferdinand reisde over de hele wereld. De ontmoeting met de vele verschillende culturen zette hem er toe aan deze ervaringen op latere leeftijd te ordenen in de studie Cultuurwetenschappen. Want juist deze ontmoetingen met andere landen en culturen in combinatie met zijn filosofieopleiding zouden opgeld doen in zijn werken voor meestal twee of drie vleugels. Uiteindelijk zouden zijn werken gekenmerkt kunnen worden door mooie melodische lijnen, ontrold in een ‘minimal-musicachtige’ omgeving. Deze vorm werd bewust gekozen omdat tijd een centraal begrip is in al zijn werken.
In de partituur ‘Exploratie’ draait het in wezen om datgene wat Hegel bedoelde: steeds wanneer een kunstenaar een werk schept, zal er sprake zijn van een kenbaar maken van zijn eigen (gedeeltelijke) waarheid. Ook Groos ontvouwt zijn ‘waarheid’, uitgedrukt in een scala van melodische lijnen in verschillende toonsoorten en in figuren gecomponeerd in de traditie van de ‘klassieke’ minimal music: melodische lijnen om het gevoelsleven welluidend naar voren te brengen, om rationeel bezig te blijven met zijn ‘muzikale zoektocht’ naar het tijdsbegrip. Daardoor gebeurt het steeds weer, dat de toehoorder verrast is door de werkelijke digitaal af te lezen lengte van het werk, terwijl het gevoelsmatig een veel kortere tijdsspanne omvat.
Naar verluidt hadden luisteraars vaak de idee dat de tijd was stilgezet. Dat het steeds weer gebeurt, dat de melodie zich herhaalt, en wéér en wéér, wijst erop dat muziek een taal is in klanken die je moet leren verstaan – dat vraagt een openheid die alleen denk ik mogelijk is
als je er door wordt geraakt. Smaak, zintuigen, gevoel; woord en klank vallen niet samen en toch wordt er een verhaal verteld, alleen een verhaal dat ieder voor zichzelf mag navertellen omdat ze niet, zoals bij proza, nagenoeg identiek zal zijn. Zeker als het muzische verhaal niet geraffineerd is, niet doortrokken van wat in de mode is, maar belangeloos en zo puur dat het ‘navertellen’ niet wijst naar een bepaalde geschiedenis of plot, maar meer een expressie is van persoonlijke fascinatie.
‘Exploratie’ staat aan, ik ken de tonen, weet op welk ogenblik ze heftig worden, ik ben aan het schrijven en vind zo de woorden die ik nodig heb en waar ik anders veel graafwerk voor moet doen, ik ben rustig, kalm, tevreden, gelukkig. Warmte, veiligheid – misschien, daar moet ik nu opeens aan denken, lijkt mijn grote genoegen wel op dat van de fervente boswandelaar die je niet hoort over de duizend zelfde bomen die hij tegenkwam, maar wel over de kalmte, over het tot zichzelf komen, over inspiratie, over ‘persoonlijke inzichten’, over kwetsbaarheid. Muziek als natuur … luister naar de tweede, de vierde, de veertiende minuut, naar de zeventiende, naar de achttien punt dertig – en zo verder -‘wandel er heen’, dan gebeurt wat ook de wandelaar zegt, “Ik weet niet, dat moet je meemaken. Ga erheen.”
[Podiumfoto van Ferdinand. Zie www.fjmgroos.nl/]
16 opmerkingen:
Ik las onlangs, ik weet niet meer waar of van wie, dat de leek minstens zoveel verstand heeft van muziek (of film) dan de criticus. Het enige verschil is dat de 'snob' minder geneigd is mee te gaan met hypes. En waarom zou je je waardering voor muziek laten verpesten door een teveel aan kennis of een te scherp gehoor. Als je erdoor geraakt wordt, als je er inspiratie door vindt, zoals jij weer zo mooi beschrijft, is het voldoende. Dan is het goed.
wat een fijn stuk om te lezen, zelfs zonder (de) muziek (heb hier zelf héél wat anders op de achtergrond) hóór je het bijna...
muziek laat zich niet beoordelen op driekwartsmaten, maar op haar pure schoonheid.
ik moest steeds denken aan een concert van joni (mitchell), waar het publiek roept dat ze één bepaald (erg bekend) nummer weer moet zingen en hoe ze dan grappend vertelt over het verschil tussen schilderen en musiceren... en hoe ze vincent van gogh ook niet steeds vroegen : paint that 'starry night' again...
't is hier altijd zo fijn om langs te komen en je teksten te lezen, ik heb nu al een heerlijke zondag gehad, bedankt Marius!
Mooi stuk over muziekbeleving/de componist van het zeer fraai gecreëerde werk en aanverwante betekenissen voor de liefhebber. Ja die Ferdinand Groos, prachtige muziek!
@Marius: probeer eens de CD SUMMA met muziek van: Arvo Pärt.
Werkelijk adembendemende mooie muziek. Simeon ten Holt/ Wim Mertens en Philip Glass behoren tot enkele van mijn favorieten, maar dit stuk van Pärt heb ik pas ontdekt, met name de uitvoerende musici zijn geweldig!
Tapiola Sinfonietta- conducted by: Jean-Jaques Kantorow.
Zal je even de stukken geven:
Collage sur BACH 1964
Fratres 1977/1991
Cantus in memoriam B.Britten 1977
Summa 1991
Festina lente 1988/1990
Tabula rasa 1977
Summa ervaar ik als 'hemelse' muziek, luister ik vaak vor het slapen gaan per Ipod. Tabula rasa is gewoonweg facinerend.
Een mooie zondag.
Cath*
Marius, dank je! Ik ben blij, dat je een zgn. 'leek' bent, wat dat ook mag zijn. De 'leek' luistert véél meer met zijn/haar gevoel, de 'kenner' laat dikwijls dat gevoel veel minder spreken, waardoor een analyse kan ontstaan welke in mjn optiek niet ter zake doende is. Want ik blijf zeggen, dat dáár waar taal eindigt muziek begint. Muziek is niet geschreven om over te praten maar om ervan te genieten. Dát genot spreekt uit je stuk, wat je schreef. Een opmerking: de boswandeling vind ik zeer mooi als beeld bij de 'wandeling' door mijn muziek.
Muziek, de medicijn voor de ziel.
Music, the intelligent emotion, inderdaad. En weer eens "de gustibus..." Als je er door geraakt wordt en je hebt er een heel goed gevoel bij, dan is dat voldoende denk ik. Bij minimal music zeker geen probleem wat mij betreft. Mertens was direct raak bij mij en ik hou evenveel van Groos als Pärt als Glass (Reich minder) maar evengoed van totaal andere genres. Mag evengoed klassiek als jazz als wereldmuziek etc etc zijn. Anouar Brahem geeft me dan meest rust. Mag het wat uitbundiger, dan wordt het soms klezmer (cd thezmirosproject was een ontdekking, heel speciaal maar kan ik ook smaken) Er is zo véél ! Heel blij dat er zoveel goeie muzikanten zijn die al die soorten muziek maken.
Ik kon het niet opbrengen om zo'n lang stuk te lezen en ik weet zeker dat ik dat mag zeggen van je:-)
Ja en weet je , voor iedereen is dat weer anders natuurlijk en wat ik altijd zo mooi vind van muziek is dat het je zomaar weer naar een bepaalde sfeer en tijd van je leven kan meenemen !
Muziek opent iedere porie van je ziel, vind ik. Daarom hou ik mij er vaak vandaan omdat het de dijken rond mijn kwetsbaarheid doorbreekt, maar goed, dat is hier nu niet aan de orde :-) Philip Glass, daar hebben we veel muziek van, heel mooi. Groos ken ik niet en de suggestie van Cath zal ik ook eens doorgeven aan mijn pianospelend broertje, dan laat ik hem eerst eens verkennen :-)
Ik ben een echte muziekliefhebber(luisteren en spelen), en een echte lezer. Ik kan van, en muziek, en van boeken net zoveel genieten...
De ramen wijd openzetten met muziek...
Dàt is inderdaad de ultiemste beschrijving van het gevoel wat muziek je geeft. Eender welke muziek. Als die je hart en zinnen maar beroert...
Héél mooi en ontroerend, dit log!
@jwl (als die hier weer eens leest) : ooit begon ik aan een cursus muziekgeschiedenis. Daar ben ik evenvlug mee gestopt. Precies alsof het allemaal ontleden en beschrijven mijn genot in de muziek wegkaapte. Ik kon niet meer "onbewust" luisteren, dus heeft het voor mij ook veel met "aanvoelen" te maken denk ik en niet met goed luisteren van : wanneer begint deze partij en dit is horizontaal enz. Ik denk eigenlijk niet zo "structureel"...
ps Versa est in luctum (Tomas Luis de Victoria) zou inderdaad héél mooi klinken in een kathedraal !
@Lut: ik kom er waarschijnlijk op mijn weblog nog een keer op terug :-)
(als je wilt reageren mag je me ook mailen natuurlijk)
@jwl : bedankt ! (Mailen lukt echter niet als ik vanop je weblog probeer, maar ik vraag het adres wel eens aan Marius)
Een reactie posten