Pagina's

woensdag, juni 23, 2010


Denk mens te zijn, sta op

Naar Srebrenica, weet u nog,
hebben dichters zich verenigd en
met vuur, ironie, en liefde vloeide het woord.

Granaten, mijnen, de kogelregen
en andere valkuilen voor de mensheid
zijn sterker en wreder dan onze geslepen taal,

gemakkelijk vergeten en neergemaaid
als hoog gras, even gemakkelijk als blindelings
helden lintjes krijgen en het Tribunaal

zijn gevangenen met privileges bewaard
als waren het mannen met vorstelijke verdiensten,
slimmeriken met een venijnig geweten.

Wij zijn geen Lieveheersbeestjes,
we mogen niet de moralist uithangen,
maar wel een gebalde vuist maken, sta op,

het woord door de pen gegrepen
en goed doen op kleine schaal opdat
‘n bezonnen menslievendheid zich vermeerdert.

[© MN, n.a.v. “Schiet niet op de pianospeler” – Gedichten bij de vijftiende herdenking van de val van de enclave Srebrenica, een uitgave van de stichting Literaire Activiteiten (SLAU) Utrecht (ISBN 978-90-814450-2-3). Photo: ‘Faces in the street’ by Adrian Donoghue.]

maandag, juni 21, 2010


Het fluweel van de nacht

Van ver hoor ik hem komen,
de optocht, niet van trommels en trompetten,
die behoren Jeroen Brouwers, maar

van louter trommels, wat kleine en één grote,
andersom voor tegen de buik, een met
een andere trommelhuid dan al die andere.

Van ver hoor ik het geroffel, een geluid
als het fluweel van de nacht, wie
kent een warmere mantel? Tromgeroffel

is een toon van zachte heimwee, een toon
die verwijst naar het verleden en
doorwerkt in het heden en dan,

als de korte stoet mij voorbij is, dan
weer wegsterft, zoals dat gaat met geroffel,
met de lenige zwaai langs de trommelhuid.

De laatste man heeft geen trommel,
maar draagt vlag en wimpel,
“Hennie Marsman, zeventig jaar geleden”.


[© MN, ‘Een hommage aan de dichter H. Marsman, 30 september 1899 – 21 juni 1940’. Zie zijn Verzamelde gedichten, in 2008 verschenen in een mooi gebonden editie van Salamander Klassiek. (Ik dacht dat ik niets van hem had, hoewel vreemd, maar vond later toch de derde druk ervan uit 1946. In 1999 verscheen als Open Domein bij de Arbeiderspers de biografie van Jaap Goedegebuure, “Zee, berg, rivier – Het leven van H. Marsman”. Afbeelding: schilderij van Roland Devolder, ‘De optocht’.]

zaterdag, juni 19, 2010


Meditatie XIX
Het hart van mijn leven behoort mij

In de levenstijdperken van de mens kan het gaan gebeuren, dat de kinderen enige zorg opnemen voor hun afhankelijke ouders. Dat is toejuichbaar. Maar het kan ook zijn, dat er geen zorg nodig is, en dat in plaats daarvan vergaande bemoeienis optreedt, bijvoorbeeld wanneer een 85-jarige vader een relatie aangaat met een 80-jarige vrouw en die verbintenis vanuit een scala aan motieven bemoeilijken.

Zo verging het Kees een tijd en hij ‘koos’ voor de vrouw die de kinderen wel zagen zitten, uit gemakzucht, uit de vrees de veiligheid van zijn kinderen op het spel te zetten. Dit brak hem na enkele maanden op en hij koos voor Mette voor wie het in zijn hart werkelijk roffelt. “De kinderen kunnen op het dak gaan zitten.”

Zou dat de gedachte kunnen zijn voor deze nieuwe dag: dat we ons nimmer onvrijwillig uitleveren, niet aan instanties en niet aan onze kinderen. Elke volwassene wil zichzelf blijven bepalen en blijft een autonome mens zonder de verbinding met belangrijke anderen om oneigenlijke redenen te verbreken.

Respect, waardigheid en liefde branden in de kom van onze handen, laat ze vanuit ons hart onze gids zijn.

[© MN, in de reeks meditaties. Afbeelding: photo “My sweet embraceble you” by King Douglas.]

donderdag, juni 17, 2010


De kruik van de hoop

Wat een geluk in mijn sponde,
daar die smalle landstrook vol dromen, en
wetend dat de slaap mij overmeestert.

Dromen halen je van je eenzame bed vandaan,
Ze brengen bedrog als je wonderen verwacht
Want ze tasten het verbeeldende mogelijke af.

Dromen kunnen nodeloos onderbroken worden,
terug in de warme sponde blijkt hij in rook opgegaan
en een zoektocht in duister is dwaas en tevergeefs.

Maar hoe het ook zij, ook bij mankementen
zijn de dromen de oases van mijn geluk
want elke troost of gedachte kan er zegevieren.


[© MN. Photo “Dreamlight” by Linguistik.]

dinsdag, juni 15, 2010


Meditatie XVIII

Een van ons is jarig en een verjaardag symboliseert, evenals elke dag dit in wezen doet, een nieuw begin, voor een jaar lang. Cadeautjes zouden niet aan te slepen zijn als we een nieuwe dag zouden vieren als een verjaardag, laat staan de taarten met slagroom, - hoe verrukkelijk ook.

Een verjaardag is zo persoonlijk als een vingerafdruk, maar voor ieder even bijzonder omdat we hopen op een levensjaar zonder obstakels, in gezondheid en soms ook beter dan het jaar dat nu net achter de rug is want we zijn nu eenmaal veranderende mensen.
“Een ei valt niet heel. Wij worden ouder, niet jonger” – beide zeggen iets over het mysterie tijd.

Zullen we de dag in stilte aanvangen, even in ‘a pensive mood’ zijn, met tijd voor het besef wat nodig is voor het nieuwe levensjaar, vergezeld door wie ons dierbaar zijn en de hoop op elkaars waarachtige aanwezigheid.

[© MN, in de reeks meditaties. “ “ = citaat Joke Hermsen, ‘Stil de tijd’. Photo: “Boy in pensive mood” by Premyslaw Wielicki.]

zondag, juni 13, 2010


Een besef waait door m’n hoofd

Het beste in mij is voorbij,
vroeger heette dat later,
later ga je ook dood.

Zonder dat je er bent, kan ik je zien,
zonder dat je spreekt, kan ik je horen,
zonder dat je streelt, kan ik je voelen; -

later ging dat allemaal voorbij,
zoals alles voorbijgaat,
maar eerst het beste, en toch,

toch is niets van die heel lange tijd
verloren gegaan, in de diepte
van mijzelf blijkt alles bewaard.

[© MN, in ‘Eenzaamheid’. De continue slaapvoeten en pijn dringen overal in door, lopen voorop als tamboer maître, lijken omineus. Maar er is zoveel nog dat tot ‘het beste’ behoort. Het beste is mijn leven … en dat bestáát, ik baad in een ziel van levensliefde. Afbeelding, photo: “Awakening” by Leszek Paradowski.]

vrijdag, juni 11, 2010


Meditatie XVII
Een houding van vriendelijkheid

Ik werd wakker van de eerste vogels, ze zijn zo vroeg, maar toch, het is al dag. En nu, wat later, zijn we bijeen om een nieuwe dag wakker en gewassen te beginnen. We zitten rechtop, de ogen geloken, de handen open als een kom, een kom vol vriendelijkheid en mildheid … althans, dat zou kunnen.

Vriendelijkheid en mildheid ervaren we graag, maar hoe weldadig is het niet dit belangeloos te zijn en uit te reiken, “dichtbij … en steeds meer, verder”, zoals de Boeddhist Gelek Rimpoche ons voorhoudt.

Een vriend van de mensen willen zijn. Laat het een gedachte zijn die in deze schaal ligt, een gedachte die we ons eigen willen maken, vandaag … en komt er een nieuwe dag, dan weer … een vertrekpunt van ons leven, dat verkwikkend moge werken.

[© MN, in de reeks meditaties. Photo by Masoud Mobin Ali.]

woensdag, juni 09, 2010


Elke foto vertelt zijn eigen verhaal, dat is juist de schoonheid ervan (45)
De tweede schepping

Zou zij de tweede Eva willen zijn en de appel weten te weerstaan? Zou zij de hoop koesteren een matriarchale wereld te vestigen? Maar ligt ook hier de verleiding er niet dik bovenop? En als er dan plotseling een Adam verschijnt, een adonis? De geest is gewillig, het vlees is zwak.
Soms hebben we het nodig te fantaseren over een andere wereld - als het maar geen obsessie wordt want dan verkeer je in nood, denk ik – soms heb je het even nodig te geloven in een illusie, daarin schuilen nu en dan zwijgend en zwevend, als bladeren in de wind, schatten die anders onontdekt blijven. Ik leef in dat geloof.

In mijn fantasie houd ik het maar op Fiori, vlakbij Pietrasanta waar ik 14 oktober 2009 over schreef. Niet hier, maar daar ontstaat de meditatiereeks. Het is dezelfde wereld hoor, maar een verrukkelijk klimaat in een lichtgevend landschap en er wonen allemaal hardwerkende, maffe kunstenaars, afgunstige en inspirerende zielen, en vrouwen, schoner dan het maanlicht, ze zouden zelfs – zoals de eeuwenoude Perzische literatuur doet geloven – de plaats van de maan kunnen innemen.
Er zijn veel vriendschappen in Fiori, en in een vriendschap is het goed wonen – maar evenals hier, is in mijn tweede schepping het gras van de buren groener.

[© MN, in de reeks ‘Elke foto of schilderij vertelt … nr 45’ (de laatste, 44, dateert van 29 maart). En wat die meditaties betreft, iedereen weet wel beter, ze ontstaan in de stilte van mijn eigen klooster. Dat zou beter ergens in de heuvels kunnen liggen want hier zijn alleen maar voorbijgangers. Vaak heb ik mijn hand in de aanslag om te zwaaien maar niemand kijkt op of om. Perzische fabels: lees bijvoorbeeld het prachtige literaire juweeltje “Hekajat” van Kader Abdolah (het juni-deeltje voor 1,50 bij Bruna) of zijn boek “De koe”, verschenen bij De Geus, 2007. Photo: “My fantasy” by Andre Arment.]

maandag, juni 07, 2010


Meditatie XVI
We hebben slechts één leven

We kunnen duizend maal dezelfde muziek willen horen, maar leven doen we maar eenmaal. Zo is het ook met deze nieuwe dag, die verschijnt niet nóg eens maar is er vandaag. Van gisteren hebben we afscheid genomen en we staan open voor al het nieuwe, het goede, voor al dat ons verwarmen kan zodat we het goede ook weer kunnen uitdelen.

Geen dag is te laat opnieuw te beginnen en toch authentiek te blijven, om los te laten wat ons hinderlijk blijkt, om begane fouten of misstappen te onderkennen en te proberen die voortaan te vermijden. Sommigen kunnen het slechte pad achter zich laten of weten een ernstige verslaving de baas te worden. Anderen zeggen Jezus gevonden te hebben … we kunnen genezen van een ernstige aandoening, we kunnen een moeilijke tocht door het leven hebben volbracht, we kunnen eindelijk onze grote liefde ontmoeten …..
… en zo is ‘herboren worden’ zelfs méér dan denkbeeldig toch mogelijk, als een andere schepping van het eigen leven. Niettemin is toch elk moment nieuw en onherhaalbaar. Er is alleen het geheugen waarin heel ons verleden ligt opgestapeld en waaruit we de momenten weer kunnen terughalen waarvan we al lang afscheid hebben genomen.

Nu we in het licht zitten van de nieuwe dag, de rug zo recht mogelijk, de ogen geloken, de handen voor ons open liggen als een kom … ligt daarin alleen maar de vraag naar het inzicht wat ‘goed leven’ is en de hoop dat zo nabij mogelijk te kunnen verwezenlijken.

[© MN, in de reeks meditaties. Photo: “Reborn” by A. Madestra.]

zaterdag, juni 05, 2010


Een windstille ziel blijft beminnelijk

Dierbare vriend, al eerder dan een jaar
was er nog meer dan twijfel
over de tijd die we zouden kunnen delen,

maar in de eerste week van juni
keerde het tij en was je vastberaden
te gaan, ook dat is wat we delen.

Er is ontroostbaar verdriet
om de dood, dat is het beeld
dat we kunnen omkeren en na een wijle

beseffen we dat de dood een vieren waard is,
omdat we weer zijn geworden als
in het prilste begin.

Wat waarachtig leven ons vraagt,
kan teveel of te verlangend worden, dat is ieders lot,
dat het zich plots of traag verkleint tot zoals het begon, -

zo kan de dood een verlossing zijn,
maar het hoort bij het menselijk verlangen
alles te behouden zoals het is;

‘als het goed’ is dat ons verbindt, zoals ‘het hoort’,
dan ervaren we je dood als tragisch, zijn we
werkelijk bij jou, dan zijn we even blij als jij.

[© MN. IM Jan van der Hart, 16 december1929 – 5 juni 2009. In oktober 2007 schreef Jan ondermeer deze regel: “Dit wezen heeft vanaf de eerste stonde van zijn komst op deze aarde terugverlangd naar het warme klotsende vruchtwater van "zijn" baarmoeder, waarin hij naar hartenlust heeft kunnen zwemmen totdat zijn omvang hem dwong zich naar buiten de boze wereld in te persen.” – Ik pleit zeker niét voor de algemene opvatting de dood te vieren in plaats van te betreuren! Foto van Jan, door Marieke – haar weblog, september 2009.]

donderdag, juni 03, 2010


Meditatie XV

De dag heeft de behaaglijkheid van het licht. De dag biedt ons de gelegenheid ons te ontplooien want we zijn telkens een wordende mens. Gisteren, een dag waarvan we al weer afscheid hebben genomen, zei een vriendin: “Laat het licht, het leven en de liefde blijven sprankelen als een fontein.”

Onze houding spreekt van aanvaarding, van bereidheid, van moed, de moed en de wens om zin te geven aan de dag. De handen opengevouwen, de duim tegen de wijsvinger. Handen als een kom, een kom die gevuld kan zijn met welstand, een kom waaruit het soms schrapen is als uit een lege pot.
Het is de gedachte aan rechtvaardigheid, aan de ongelijkheid, dat het de ene hand lukt alles te vergaren en dat de andere er om bedelen moet, dat de ene hand gul is en de andere gierig, dat achter de ene hand een openhartige mens staat en achter de andere iemand schuilgaat die zich teruggetrokken houdt.
Zou de hand al kunnen tonen wie we geworden zijn, is het een open hand die nog veranderen wil of een gesloten hand die niets heeft dan zichzelf maar net overeind te houden?

[© MN, de reeks meditaties. Photo by Christophe Vermare.]

dinsdag, juni 01, 2010


Meditatie XIV
Het is de kunst het langzaamaan te doen

Het is wonderbaarlijk dat het weer licht is geworden …. het is wonderbaarlijk dat we identiek gebouwd zijn en elk zo verschillen, dat van die miljarden vingerafdrukken niet één paar dezelfde is, - is daarom ons leven zo persoonlijk?

Het is wonderbaarlijk dat we allen over dezelfde tijd beschikken en dat we toch zeggen ‘geen tijd te hebben’. Welke tijd regeert ons eigenlijk?
Van wie is de tijd? Heb ik mij en mijn tijd verkocht?
Ik moet verantwoordelijk zijn en toch ook mezelf kunnen zijn.

Laat onze houding en onze handen ervan spreken de tijd te willen stillen als onze dorst want als ook onze koffie of thee al koud is, weten we niet meer hoe laat het is.

[© MN, in de reeks meditaties. Schilderij “Vergetelheid” van Mireille Hulpiau.]