
Gedachtesprongen. Een handvol leven
Eigenlijk wilde ik me verdiepen in Pietrasanta, maar het ontbreekt me aan energie. Eigenlijk zou ik gewoon naar buiten willen, maar de storm zou me wegblazen. Ik zat hier wat rond te kijken en wilde eigenlijk weer ‘de oude’ zijn, maar de onaangedane man is verdwenen, ikzelf gelukkig niet. Ik zie dat mijn eiland is veranderd. Het was heel overzichtelijk, beantwoordde aan mijn maat voor esthetica en nu is het overvol, alles gereed om eens te verhuizen. Ik zie ook dat het leeft. Het is wel dode materie en niet onmisbaar, maar alles heeft zijn betekenis behouden, net zoals het land voor de beesten die eigenlijk goud spinnen van hun dagelijks hetzelfde vreten.
Geen ‘man zonder eigenschappen’, zoals de romanreeks van Robert Musil luidt. Zie ik het geheel, zie ik ‘een man en zijn fascinaties’, voor religie, voor kunst en literatuur. Ik ga van links naar rechts. Een man na zijn tweede trauma, het herseninfarct. (Nou én? Wat me tegenvalt, is dat ik, toch zestig jaar, mezelf nog altijd moet leren te relativeren.) Het was januari 2008, Groot Klimmendaal, een moeilijke tijd. Een tijd met een ‘eigen rijk’ in een modern gesticht met therapeuten zoals de beste koningen, even bekwaam als betrokken. Toen ik van het gerucht hoorde over een ontslagdatum, schreef ik een uitvoerige argumentatie om die datum nog flink opgeschort te krijgen, maar later bleek dat de zorgverzekeraar dit ‘niet zou pikken’.
Dan een stilleven, gefotografeerd door Enno, een estheet. Een man en een vrouw, een gastvrij huis als een museum voor beeldende kunst en literatuur, een landschap waar het gonst van muziek en een bloeiende milieuonderneming. Daarnaast het omslag van mijn nog te voltooien gedichtenbundel, ‘Mijn leven geen trompetgeschal’, de optocht van Roland Devolder. Het lijkt zo’n somber schilderij, maar het is een schittering van eenvoud.
De vierde foto staat voor schilderkunst, alswel voor vrouwen, voor erotica, voor schoonheid, voor het vermogen ons leven in beelden uit te drukken zodat ten minste daarin is vastgelegd hoe we leven en wie we zijn. Dan de historie, niet exclusief de Holocaust maar als een niet te negeren deel van de tijd van ons persoonlijke mensenleven, waarbij het me treft dat die foto wel gedateerd is, deel is van een omlijnd tijdperk, maar tegelijk exemplarisch voor vele tegenwoordige vuurhaarden. Ryszard Kapuscinski en Tiziano Terzani zijn beiden zeer bijzondere journalisten waar het om ‘moderne geschiedenis’ gaat. De tragiek is onnoemlijk veel wijdser dan de foto suggereert. Het is niet alleen maar ‘dié tijd’ of ‘dit continent’. Bij historie gaat het me ook niet primair om de achtergronden van gewelddadige perioden in de wereld, maar om de binnenkant van zo totaal andere beschavingen.
De drie daarop volgende foto’s tonen mij en de wereld van boeken, het ambacht van schrijven. Ik publiceerde hier wel eens een lijst van favoriete boeken, maar sommige auteurs zullen hun plaats moeten afstaan aan anderen. Mercier, Murakami en Terzani en Grossman kunnen onmogelijk onvermeld blijven, Barbara Reynolds over Dante evenmin. Ik ben niet de schrijver geworden die ik had willen zijn, maar ik zie terug op een fikse stapel boeken en op vele tientallen vakpublicaties, waarvan ‘Raak me (niet) aan’ tot de laatste tien behoort; het zal duidelijk zijn, dat het juist gaat over de behartenwaardigheid van de aanraking.
De achtste foto speelt zich af in Corneillan, Zuid-Frankrijk, ongeveer 50 km van Lourdes vandaan: mijn cappuccino in foto 9. Maar foto 8 staat symbool voor het gesprek, anderen noemen mij ‘de man van de ontmoeting’, terwijl de twee volgende foto’s typerend zijn voor de solitaire kant van mijn bestaan, een in de tuin van het Goethe-Haus en een in Over Langbroek, ergens in de buurt van Wijk bij Duurstede. Overigens had ik best een dagje langer in Lourdes willen blijven als de waanzinnige drukte me niet zou verdrijven.
De laatste drie. Op weg naar de ontmoeting tijdens de heuglijke familiedag vorig jaar oktober. Dan weer de stilte van het eiland en tenslotte nog een zelfportret daar, ‘in vredige staat’, in het voorjaar van 2007. Vanmorgen ontdekte ik op mijn laken een geschreven gedicht: “Pijnboompitten, ken je die?”/ “Zakken vol ervan, hoeveel wil je?”/ “Zeg maar, hoeveel wil je kwijt.”/ “Alles.” (Ohne Widerlegung herausgeflogen.)
[© MN, in de reeks foto’s en schilderijen (nr. 29) met 15 zelfgeselecteerde items voor een collage.]
Eigenlijk wilde ik me verdiepen in Pietrasanta, maar het ontbreekt me aan energie. Eigenlijk zou ik gewoon naar buiten willen, maar de storm zou me wegblazen. Ik zat hier wat rond te kijken en wilde eigenlijk weer ‘de oude’ zijn, maar de onaangedane man is verdwenen, ikzelf gelukkig niet. Ik zie dat mijn eiland is veranderd. Het was heel overzichtelijk, beantwoordde aan mijn maat voor esthetica en nu is het overvol, alles gereed om eens te verhuizen. Ik zie ook dat het leeft. Het is wel dode materie en niet onmisbaar, maar alles heeft zijn betekenis behouden, net zoals het land voor de beesten die eigenlijk goud spinnen van hun dagelijks hetzelfde vreten.
Geen ‘man zonder eigenschappen’, zoals de romanreeks van Robert Musil luidt. Zie ik het geheel, zie ik ‘een man en zijn fascinaties’, voor religie, voor kunst en literatuur. Ik ga van links naar rechts. Een man na zijn tweede trauma, het herseninfarct. (Nou én? Wat me tegenvalt, is dat ik, toch zestig jaar, mezelf nog altijd moet leren te relativeren.) Het was januari 2008, Groot Klimmendaal, een moeilijke tijd. Een tijd met een ‘eigen rijk’ in een modern gesticht met therapeuten zoals de beste koningen, even bekwaam als betrokken. Toen ik van het gerucht hoorde over een ontslagdatum, schreef ik een uitvoerige argumentatie om die datum nog flink opgeschort te krijgen, maar later bleek dat de zorgverzekeraar dit ‘niet zou pikken’.
Dan een stilleven, gefotografeerd door Enno, een estheet. Een man en een vrouw, een gastvrij huis als een museum voor beeldende kunst en literatuur, een landschap waar het gonst van muziek en een bloeiende milieuonderneming. Daarnaast het omslag van mijn nog te voltooien gedichtenbundel, ‘Mijn leven geen trompetgeschal’, de optocht van Roland Devolder. Het lijkt zo’n somber schilderij, maar het is een schittering van eenvoud.
De vierde foto staat voor schilderkunst, alswel voor vrouwen, voor erotica, voor schoonheid, voor het vermogen ons leven in beelden uit te drukken zodat ten minste daarin is vastgelegd hoe we leven en wie we zijn. Dan de historie, niet exclusief de Holocaust maar als een niet te negeren deel van de tijd van ons persoonlijke mensenleven, waarbij het me treft dat die foto wel gedateerd is, deel is van een omlijnd tijdperk, maar tegelijk exemplarisch voor vele tegenwoordige vuurhaarden. Ryszard Kapuscinski en Tiziano Terzani zijn beiden zeer bijzondere journalisten waar het om ‘moderne geschiedenis’ gaat. De tragiek is onnoemlijk veel wijdser dan de foto suggereert. Het is niet alleen maar ‘dié tijd’ of ‘dit continent’. Bij historie gaat het me ook niet primair om de achtergronden van gewelddadige perioden in de wereld, maar om de binnenkant van zo totaal andere beschavingen.
De drie daarop volgende foto’s tonen mij en de wereld van boeken, het ambacht van schrijven. Ik publiceerde hier wel eens een lijst van favoriete boeken, maar sommige auteurs zullen hun plaats moeten afstaan aan anderen. Mercier, Murakami en Terzani en Grossman kunnen onmogelijk onvermeld blijven, Barbara Reynolds over Dante evenmin. Ik ben niet de schrijver geworden die ik had willen zijn, maar ik zie terug op een fikse stapel boeken en op vele tientallen vakpublicaties, waarvan ‘Raak me (niet) aan’ tot de laatste tien behoort; het zal duidelijk zijn, dat het juist gaat over de behartenwaardigheid van de aanraking.
De achtste foto speelt zich af in Corneillan, Zuid-Frankrijk, ongeveer 50 km van Lourdes vandaan: mijn cappuccino in foto 9. Maar foto 8 staat symbool voor het gesprek, anderen noemen mij ‘de man van de ontmoeting’, terwijl de twee volgende foto’s typerend zijn voor de solitaire kant van mijn bestaan, een in de tuin van het Goethe-Haus en een in Over Langbroek, ergens in de buurt van Wijk bij Duurstede. Overigens had ik best een dagje langer in Lourdes willen blijven als de waanzinnige drukte me niet zou verdrijven.
De laatste drie. Op weg naar de ontmoeting tijdens de heuglijke familiedag vorig jaar oktober. Dan weer de stilte van het eiland en tenslotte nog een zelfportret daar, ‘in vredige staat’, in het voorjaar van 2007. Vanmorgen ontdekte ik op mijn laken een geschreven gedicht: “Pijnboompitten, ken je die?”/ “Zakken vol ervan, hoeveel wil je?”/ “Zeg maar, hoeveel wil je kwijt.”/ “Alles.” (Ohne Widerlegung herausgeflogen.)
[© MN, in de reeks foto’s en schilderijen (nr. 29) met 15 zelfgeselecteerde items voor een collage.]
23 opmerkingen:
Marius,
Je leven, een pelgrimage, een ode aan de ziel, een bevlogen man onderweg.
"Het doel ís de weg" ik meen dat het een regel in een boek van K.von Dürckheim was,(het is al zo lang gelden dat boek).
Maar deze regel gaat met mij een leven lang trouw en geruststellend mee.
.
De vraag is niet nieuw. Ze intrigeert me.
Waarom schetst een schilder zijn zelfportret?
Zou hij het beeld in de vijver beminnen?
Zou hij zichzelf klonen als hij bij machte was?
Maar doen we dat al niet via onze kinderen.
Of is het een prematuur in memoriam.
Ja, Marius, de vraag ontglipte m'n gedachten
toen ik gisteren en vandaag je fotocollage zag. Wat deed je besluiten om je visueel te omkaderen ?
Deze vraag is oratorisch.
.
Behoudens enkele groten
Is iedereen maar klein
Hoe heeft het mij verdroten
Om geen genie te zijn
Ik spring. Dan lijk ik dartel
Ik poog van vroeg tot laat
Maar hoe ik spring en spartel
Ik zit vast aan mijn formaat
Ik streef net als genieen
Naar de onsterfelijkheid
Maar ik reik slechts tot de knieen
Der middelmatigheid (...)
© Hans Dorrestein
... en wat ik hiermee bedoel, lieve Marius, is dat ik slechts tot je knieën reik als het op poëzie aankomt...
een gedicht in mijn eerste bundel heet 'pijnboom pit' en de eerste zin is "ik ben mijn eigen wachter/
voor de poort van pijn"
Doet me nu denken aan de vuurtoren die eerst op je blog stond.
Er is nog zoveel licht.
Gisteren viel het bij mij door de brievenbus naar binnen:)
liefs
Danny
Ik denk dat we altijd bezig blijven onszelf te leren te relativeren. Ik vind het een bijzondere collage trouwens.
Hier zitten al om vier uur vogels op de rand van de dakgoot onder het zolderraam te kwetteren, als roddelende tantes op de hoek van de straat.
Mooi samengesteld portret Marius!
De mens gaat zijn weg ...
Er is geen doel naar mijn idee.
Al zegt Graaf von Dürkheim het anders.
De LEVENSWEG, daar gaat het om. Deze naar eigen indentiteit, persoonlijke kwaliteit en kracht te bewandelen, te beleven en de beproevingen te doorstaan of niet, dat kan ook;-))
Ik ben van mening dat niets zich zomaar op je levenspad opwerpt.
Je hebt een keuze in wat je ermee zou kunnen doen, levensbedreigend of hopeloze vooruitzichten, heldere nieuwe dromen of anderzinds belettende, bevrijdende factoren en gegevenheden.
De les is te ZIJN. In welke hoedanigheid dan ook. Er is eigenlijk geen keuze, alleen dat je door kunt, door mag, door wilt of liever niet.
Ook dan werpt zich de vraag op: hoe en waar en wat dan wel?
Leven is als water, een stroom, een kabbelend beekje, soms een woeste zee met manshoge golven. Strelend of helend, verwoestend of verrassend. Je kunt het nemen zoals het komt of je je leven lang er tegen verzetten.
De keuze is aan elk mens zelf.
Belangrijkste is van jezelf te houden, jezelf de ruimte te bieden te mogen zijn wie je bent, onvoorwaardelijk.
De rest en de anderen volgen vanzelf. Die verantwoordelijkheid ligt eveneens bij jezelf en kun je delen met anderen, als je dat wilt en kunt.
Het mooie van het leven, soms zelfs in ellendige fasen, vind ik de momenten van kleine vooruitgang of verandering, soms zelf de paar stappen terug in de levensreis waar je niet op had gerekend.
In dit alles maakt liefde je sterk, zwak, onmisbaar voor de ander en jezelf, maar ook mooi, glanzend en als een voluit bloeiend geheel.
Marius, JIJ bent zo'n mens, nog steeds, geef jezelf een pluim daarvoor! Als je dat niet kunt, krijg je de pluim van mij;-))
Zo: dit was mijn dagoverdenking na een vroege dienst, een gespreksvoorbereiding met de wethouder van jeugdzaken en een lange fietstocht deze keer van lokatie naar lokatie.
*glimlacht*
X
Cath*
Mooie collage van foto's van jou begeleid door je woorden...
Graag gelezen.
prachtige fotocollages mooi om te bekijken en je verhaal erbij.Met alles wat je is overkomen spin je ook luisterrijke taal.Ik bedoel eigenlijk taal die mensen veranderen het is een taal die ontferming en genade voor anderen oproept.Ik heb alles gelezen wat je weer hebt geschreven.Ik wens je vrede.
Novelle
Een scherp oog , dat van Enno : het stilleven : breekbare broosheid in alle facetten van het leven, prachtige esthetische foto. Kon ook als titel van dit handvol gedachten over overwegend 4 jaar van de 60 (beroepsverleden zijdelings aangeraakt).
Sluit me aan bij Redstar : een mens oefent zich blijvend in het relativeren (en sommigen nooit, is geen oordeel, kan ook). Raymond vh Groenewoud zingt dan terecht dat hij God niet is ;-)
Heel mooie collage van een aantal gedachtesprongen.
Nog even een paar boekentips poet voor je weg bent;-))
Dageraad: Rik Smits
Hoe taal de mens maakte.
Caesarion: Tommy Wieringa
Muziek: Thomas Tallis
Titel CD:
The Tallis Scholar Sing Thomas Tallis
Wens je mooie pinksterdagen en veel liefdevolle momenten, geniet!
X
Cath*
weer prachtig. ik moest alleen wel heel veel heenenweer kijken (tekst, foto, tekst, foto...)(en hoor met de hoofdpijn die ik heb al helemaal niet naar een beeldscherm te staren, maar ach ; )
maar prachtig.
ik mis nog die ene mooie foto, jij met veel groen eracher. ergens relaxed op een bankje. was ook een mooie. stond ooit eens onderaan je log.
maar relativeren. is het ding. en aanpassen. je schrijft teveel om overal op in te gaan, maar 'de man van de ontmoeting' vind ik een hele mooie. heb ook het idee dat ik je, hier, online, 'ontmoet' heb. want zo ben je. mooi.
"Eigenlijk zou ik gewoon naar buiten willen" Hopelijk lukt je dat nu , de zon schijnt volop, profiteer ervan !
Fijn weekend gewenst, man van de ontmoeting én de presentie.
PS Pas gelezen op de site van een restaurant waar een vriendin dit weekend gaat eten : "De hemel was blauw, alles was mooi, ik kwam van tafel en ik was gelukkig" Gustave Flaubert "Voyages"
Wens je ook zo'n geluksmoment toe !
Prachtige fotoserie en jouw uitleg erbij. Ik ben benieuwd naar de gedichtenbundel en dat zeg ik niet vaak meer. Ik ben een beetje verzadigd met poëzie. Dat komt ervan na twintig jaar rondlopen in de wereld en zoveel bundels in ontvangst moge nemen.
Ik hoop dat jouw zuchten weer in lachen kan overgaan. Het ga je goed, mijn beste Marius.
Overigens zal je wel veel hebben nagedacht over de kaft van de bundel, maar mocht je ergens advies nodig hebben dan weet je mij te vinden.
jawel marius, tromgeroffel:
het is een zacht en ingetogen tromgeroffel, alleen hoorbaar voor de goede luisteraar, maar bloedstollend mooi.
NIKS meer aan doen !!!
ach.... natuurlijk 'trompetgeschal'
maar minstens even bloedstollend.
ik geloofdat ik zelf vandaag meer in de sferen van tromgeroffel zit, waar ik ook van hou.
zoals zo vaak op zondag ochtend kom ik bij jou langs om wat te verpozen en te genieten van je mooie teksten.
Geniet van deze mooie lentedagen, laat de zon je gelaat en je hart verwarmen.
Maak er een fijne ZONdag van!
In de stilte de man van de mijmerende zelfreflectie doorheen het leven en al zijn moeilijkheden, met een zachtaardig hart en een intens mede-leven en mededogen voor de zwakste medemens.
Dit zie/lees ik hier doorheen alles.
Wellicht al héél veel voor een mensenleven ? Retorische vraag.
Een deugddoende maan-ZON-dag gewenst !
De trieste schoonheid van het leven, doet wellicht ook relativeren.
> Dank voor jullie trouwe bezoek en voor wat ik allemaal cadeau krijg. Het blijft hier stil want een vriend leeft zijn laatste dagen, misschien wel week. Ik ga nu ook nergens op bezoek. Van ver wil ik nabij zijn en met zijn naasten wachten tot hij als stipje achter de horizon dáár is waar wij het niet kennen. Als enig levensteken heb ik onderaan een nieuwe foto geplaatst.
> Inge, jij bedoelt de foto op het bankje aan Over Langbroek: de vierde in de derde kolom.
Mooi levensteken ! Nog mooiere zin ernaast én weer een schitterende invulling van je "roeping" die je zo graag én hartverwarmend vervult.
Chapeau !
Ook ik bezoek je nog steeds trouw Marius, maar weet zelden iets te toe te voegen wat niet al eerder of veel beter werd gezegd. Bovendien ben je beschouwender geworden, terwijl ik volop pubers en (zeil)boten door de provincie sleur. Toch raak je me nog steeds, met persoonlijke opschriften en beelden als deze. Heel veel sterkte met het verlies van je vriend.
Een reactie posten