Hoe moet ik leven V“Als je het niet meer weet (hoe het moet met het leven) pak je een eind hout en probeer je orde op zaken te stellen.” Dat deed Susan toen ze er na veel maanden van verdriet genoeg van had dat Sam zowat elke avond naar ‘die weduwe’ ging, een paar km verderop. “Hij ging er om een uur of tien naar toe en kwam ’s morgens om zeven weer hier. Weet je op wie ze lijkt? Op Hildegard Knef.”
“Maar al die tijd heb je het gepikt.”
“Ja, maar ik kon er niet meer tegen dat hij me zo te na kwam. Ik heb hem een ultimatum gesteld. Of hij breekt met die vrouw, of ik ga hier weg. En dat heeft tie gedaan. Hij heeft eieren voor zijn geld gekozen.”
“Maar hoezo dat stuk hout?”
“Op een avond kwam hij thuis. Ik heb hem bont en blauw geslagen. Het bloed liep over z’n hoofd. Later is hij nog naar het ziekenhuis in Heerlen moeten gaan om het te laten hechten. Ik heb hem gezegd, dat als hij er niet mee kapt, ik hem zou vermoorden. Ik zou z’n kop eraf slaan. Oh, ik kan razend worden hoor, en in zo’n bui zou ik het kunnen. Mijn psychiater is daar het bangst voor hè, dat ik dat eens zal doen.” Ze heeft al een paar maal getracht zelfmoord te plegen. Een wonder dat het niet is gelukt, zeker die laatste keer toen ze vanuit een van de zolderdakramen van het kasteel naar beneden sprong en in de gracht belandde.
“De hondjes, die heb ik nog het liefst.” Aldoor trommelde ze met haar vingers op de tafel.
“Ja? En die vrouw, daar komt hij niet meer?”
“Nee, hij is nu voortaan thuis. Hij slaapt op de logeerkamer. Die vrouw heb ik met kerstmis een kaart gestuurd. Dat ze een goed kankerjaar tegemoet zou gaan, met veel uitzaaiingen en veel pijn. Ja.”
‘Mijn hemel!’
Is dit een antwoord op ‘hoe moet ik leven?’ Wat een agressie tegen Sam en tegen die vrouw, wat een vernedering. Hoe kun je dan nog zeggen: “Ik houd m’n fatsoen”? En wat is dit voor ultimatum als hij naar de logeerkamer is verwezen en het eigenlijk voor haar al heel lang niet meer hoeft?
Het is denk ik dat er nog drie jongens thuis wonen, anders had de een de ander al vermoord. Wie weet, hij schijnt soms een tiran, maar vlak Susan niet uit. En een kasteel is natuurlijk een geweldig bezit; ze hebben er allebei vele jaren hard aan gewerkt. Hij de shabby antiekscharrelaar met het lijkt wel vier rechtse handen, en zij binnenhuis voor al die jonge kerels. “Ik ga me niet op een appartementje zien zitten. En ik voel me sterk nu, het gaat zo goed met me, ik laat me dat niet afpakken.” Neen, een sprookje is het hier niet, maar de prijs is hoog. “Hij doet nu alles voor me.” (Dat deed hij al, jarenlang.)
“Zo, dus de kaarten zijn goed geschud!” Ik denk dat het andersom is. Zij is een onvoorspelbare tiran. Al zijn jongens, het zijn er vijf, dragen hem op handen, dat is vaak te merken. De drie die nu nog thuis zijn, zijn altijd in zijn buurt, altijd mee aan het werken. Nee, het is een repeterende nachtmerrie hier.
Een kraai gaat krijsend door de lucht.
“Zo is het!”
[Afbeelding: “The black crow” by Heather Nevay.]
12 opmerkingen:
Wat kan jij wonderlijk mooi schrijven, een waar genoegen om te lezen.
Tijd dat hij voorgoed vertrekt lijkt me.
De werkelijkheid is soms enger dan bedachte horror.
naargeestig, maar zoals ze in het Engels zeggen 'truth is sometimes stranger than fiction' en dit is levensecht geschreven
Ik heb dit heel verbaasd zitten lezen en weet ik eigenlijk niet goed wat ik ermee moet. Het is kennelijk uit het leven gegrepen, maar toch verbaast het mij dat liefdeloosheid zulke extreme vormen kan aannemen en tot dergelijke excessen kan leiden.
ze kunnen niet met en niet zonde elkaar..
jongens wat een drama...
mooi geschreen marius
Wat een vreselijke sfeer zal er hangen in dat huis ! Zouden ze toch niet veel beter af zijn zonder elkaar ?
Prachtig geschreven!
Aan elk verhaal zit altijd twee kanten denk en weet ik.
Het is maar wie je spreekt:-)))
Kinderen moeten nooit de dupe worden van ouders die niet meer samen kunnen zijn.
Die vrouw is een vreselijk mens geworden, tijd voor therapie denk ik
Het is waarachtig zo. Zij is al enkele keren opgenomen geweest, houdt zich nu aan medicatie en redt het ermee. Ze wonen in een reusachtig oud kasteel, met vluchtroutes genoeg - maar een sprookje is het er niet, eerder een boek vol verdriet en vervreemding, sporadisch enig geluk.
of hoe wonderlijk het kan de moeite te nemen een verhaal 2 kanten te horen. Ongetwijfeld zijn er nog vele zijden aan dit verhaal.
Kan hier eigenlijk heel weinig commentaar op geven, het is te wrang voor woorden, Marius...
PS: hoezo, wordt Van Ostaijen niet meer gelezen dan? Het is één van mijn lievelingsdichters, altijd al geweest...
de gevoelens van beiden zijn zeer begrijpelijk, uit een ander verwachtingspatroon en perceptie komen ze niet meer tot elkaar, echter de uitwassen die jij beschrijft, kunnen vertaald in innerlijke woede tot uitbarsting komen. Soms blijft het bij passief geweld, zoals doodzwijgen een hele fnuikende is. Het gebruiken van werkelijk geweld is dan soms maar een kleine stap en een verlengde van wat er van binnen raast.
Een reactie posten