Natuur. Een zelfportretDe zon schijnt door het transparante
kersenboomblad, verderop in het land zien
we plots de wereld van onze kindertijd,
de paddenstoelen, altijd dicht bijeen en
beschut door het warme groene schors. Er is geen
mensenhand aan te pas gekomen,
het is alleen hoe de aarde in zichzelf
voorziet, maar het blijft een oase
van verwondering en verhalen.
[© MN, in “Bladeren in een middag”. Foto van Chrisje.]
15 opmerkingen:
Mooie foto!
verwondering en verhalen, indeed.
schitterend.
alhoewel hier gisteren niet zozeer paddestoelen, dan wel 23 graden en zomerse taferelen.
maar dat was gisteren...
Een juweeltje uit de herfst.
Ja allemaal wonderen en wat een prachtige foto !
goeiemorgen marius,
je gedichtje geeft me een gevoel van heimwee... naar iets dat volgend jaar weer terugkomt,
maar we even moeten missen.
het warme weer,
alhoewel dit wel een mooi begin van de indian summer is
de rood met witte stippen
dé paddestoel bij uitstek,
voor mij dé mooiste..
lieve groetjes
klaproos
De herfst is een mooi jaargetijde met het natuurlijk verval van alles wat groeit.
Het schilderij van een herfstige natuur...verbeeld in een prachtige foto.
schitterend Marius
eenvoudig en zo veelzeggend mooie zonnige zondag wens ik je toe.
Novelle
Ik heb een mijmerdoosje, daar stop ik kleine herinneringen in, zo ook dit klein, maar toch zo groots, gedichtje bij in....
Bloem
Mijn absolute leeftijd komt weer boven bij dit sprookje.
Kabouter spillebeen ;-))
Prachtig gedicht met een geweldige slotzin.
Op een rode paddestoel, vol met witte stippen, zat kabouter Pinnewip... (ben al aan het neuriën) ;-)
Een oase van verwondering en verhalen...
Het is natuurlijk wel zo dat de natuur gewoon is wat ie is, niets meer of minder. Maar Marius, hoe kan de mens daar van genieten! En dubbel genieten als iemand bovendien dat gevoel zo mooi weet te vertolken...
Bij het 'schommelen' (niet op een schommel ;-) nog het volgende gevonden van Annie M.G.Schmidt :
De sprookjesschrijver
Ik ken een man die verhaaltjes verzint
en 's morgens al heel in de vroegte begint.
Hij schrijft over heksen en elfen en feeën
van kwart over zessen tot 's middags bij tweeën.
Hij schrijft over prinsen en over prinsessen
van kwart over tweeën tot 's avonds bij zessen.
Dan slaapt hij en 's morgens begint hij weer vroeg.
Hij heeft aan een inktpotje lang niet genoeg.
Hij heeft in zijn tuin dus een vijver vol inkt,
een vijver door donkere struiken omringd.
En altijd, wanneer hij moet denken, die schrijver, dan doopt hij zijn kroontjespen weer in de vijver.
Hij heeft nu al tienduizend sprookejs verzonnen
en is nu weer pas aan een ander begonnen.
En als hij daar zit tot het eind van zijn leven
misschien is de vijver dan leeggeschreven.
Moest aan jouw paddestoelen en aan je bankje bij de vijver denken en aan jou als dichter en aan jou als liefhebber van pennen, dàg lieve dichter !
Heel mooi 'pastoral' gedicht
Een reactie posten