Pagina's

zondag, mei 30, 2010


Meditatie XIII
Hoe moet ik leven?

De dag is aangebroken alsof we wisten dat die zou komen … het staat in onze agenda.
We kennen voorkeur en afkeur of tegenzin, passie en verveling, slordigheid en toewijding, ernst en onverschilligheid, vriendelijkheid en chagrijn, sympathie en antipathie, oppervlakkigheid en aandacht, oordelen en vooroordelen, - het ligt allemaal in onze hand – de handen die we hebben opengelegd alsof ze een kom vormen, een kom nog leeg, een kom als vraag, een kom voor ontvankelijkheid -

misschien om open te staan voor al wat in ons aanwezig is, open voor al het goede dat ons bereiken kan en te kunnen stilstaan bij de opgave niet te vluchtig en te impulsief te zijn met alles dat we zelf in de hand hebben zonder dat we over alles controle willen hebben. Dat geeft voldoening, vreugde en vrede.

[© MN, in de reeks meditaties. Schilderij “An heart for the world and nature" by Ben Goossens.]

vrijdag, mei 28, 2010


Dat ruisen bevuurde mij

De maan ternauwernood haar
eerste kwartier doorlopen, hield
zich schuil in wolk en nacht, -
tijdvogels reizen op dit uur – dit
verregaande uur van slaap of droom –

dat lichte ruisen, dat satijn,
de wind zo langs mijn slapen.

Toen ik je riep, was je meteen langszij,
de vleugels breed gedragen;
slagregens, gedonder en geraas
en lichtverblindend
of was het toch dat onweer?

Ik betwijfel of je me werkelijk zag,
zo heel ver voor de ochtend uit.

[© Marieke Nijhof. Ik vond het terug in mijn gebladerte zonder er ook maar een ogenblik aan te twijfelen dat het niet van mijn hand was. Met excuses voor wie ik op het verkeerde spoor zette. Tekening van Alfred Kubin, “Every night we are haunted by a dream”, 1902.]

woensdag, mei 26, 2010


Meditatie XII
Het ene huis is het andere niet

De maneschijn ligt achter ons, ver hier vandaan. Het is weer een nieuwe dag en elke dag is het vieren waard.
We zitten rechtop, de benen gekruist, de ogen geloken en de handen open, de duim tegen de wijsvinger ... dat is de houding van aanwezigheid om in de stilte de parels van het woord te vinden voor dat wat we gaan doen vandaag … daarom zijn parels onmisbaar, we delven het uit onszelf.

We staan elk voor onze eigen akker, hoe die ook moge zijn, hij vraagt om onderhoud. Laat onze houding en onze handen ervan spreken bereid te zijn ons met aandacht te wijden aan het dagelijks corvee. Het leven loopt immers niet vanzelf.

[© MN, in de reeks meditaties. Photo: “An end and a beginning” by Andreas Wonisch.]

maandag, mei 24, 2010


Minder is meer
Leven is geen grenzeloos vergaren

Het eiland zal nooit meer zijn wat het was en ik vertoef er nog maar zelden. Het heeft zijn betekenis gehad, zijn rol vervuld … als warmtebron, toevluchtsoord, werkplaats en alles wat een persoonlijke niche kan bieden. De reorganisatie in januari is al lang volbracht, niet die van het ego, maar van de materie. Ik realiseer me het tijdelijke van mijn verblijf hier op wat ik nu maar het vaste land noem en tevens dat straks, te zijner tijd, niet alles meekan, veel van het eiland moet naar een andere bestemming. Wanneer ik dit tot het laatst uitstel, zal ik veel over het hoofd zien en verkeerde keuzes maken.
Ik ben teruggekeerd en de voormalige werktafel staat nu vol curiosa. Daar zal ik nog wel een paar keer kritisch naar kijken, maar het afscheid van een verzameling is begonnen. Het is de aard van het leven dat je alles maar eventjes kunt vasthouden, er is niets dat ‘voorgoed’ is.
Is de werktafel leeg, dan begin ik aan de honderden boeken. Welke ik nog niet kan afstaan, zet ik in twintig stapeltjes van 40 cm op tafel, de rest moet weg. Dat deed ik tweemaal eerder en ik kreeg er spijt van, maar het blijkt overkomelijk … de brieven van Du Perron en andere bellettrie, de enorme kunstcollectie, dozen vol woorden. “Doofstomme boeken”, zegt Dewulf.
Geen idee waarheen ik ga – en het is ook helemaal nog niet zover -, maar het zal aanmerkelijk kleiner zijn en dus moet het overzichtelijk blijven, een pakhuis staat me in de weg, ik zal er in dichtgroeien en verdwijnen. Laat me dan tijdig goed of beter voor mezelf zorgen, zichtbaar blijven en laat vindbaar zijn wat ik opnieuw wil inzien, laat het veel mindere voor mezelf maar kunnen tonen wie ik ben geworden, dan is minder ook meer.

[© MN, De reorganisatie keert vaker terug. Afbeelding: “Lord of the books” by Gabor Pahi. Het spreekt dat ik met deze heer toch wel ruilen wil. Dit, mijn leven in deze vorm, heb ik nooit geambieerd. Dit, deze gesteldheid, “is de prijs die u moet betalen”, benadrukte de chirurg vorig jaar zomer nogmaals. Dit, het leven in deze gedaante, is onmogelijk en moet ik toch leren leven. Dit, een afscheid van ‘slechts spullen’, is het minst moeilijke.]

zaterdag, mei 22, 2010


Het leven zelf zegt wat ‘goed’ is

Vele maanden later, wanneer drie
seizoenen zijn geschoren, keerde
het verleden weder: zij

was het die mij
soms de adem benam, maar toch
sloten we voorgoed de gordijnen; -

we deden wat wijs was, lieten
er gras over groeien en zien nu uit
over de fraaiste velden

van ons onvergetelijk verleden, -
het is ook wijs het zo te laten, maar
wat een warme verrassing haar weer te zien.

Ik merk vaker dan me gewoon was
hoe rijk en helend vriendschappen zijn,
het brengt me vrede.

[© MN, ‘A poet’s past’. Voor G. “Fields” by Krzyztof Browko.]

vrijdag, mei 21, 2010


Meditatie XI

We stapten het bed uit, we rekten ons uit, we bewegen, springen, rennen, dansen, slenteren of flaneren en we vinden het terecht heel gewoon dat we motorisch niets mankeren, maar wie elk van die beweeglijkheid te pijnlijk is en onmogelijk, heeft een aparte opgave voor de dag.

Ik kan rechtop zitten, het hoofd als vogelkop, de ogen geloken … we leggen onze handen naar voren, de duim tegen de wijsvinger opdat ze als het ware een kom vormen … een kom van genade voor wie iets niet meer kan en opdat we hem of haar daarom niet vergeten of uitsluiten want juist dat is de grootste pijn van chronici … van een omvang die men zich niet beseft, hoe weldadig de aandacht van anderen ook weer is.
Ik en al mijn lotgenoten hebben de opdracht het onomkeerbare lot te aanvaarden, zich niet buiten te sluiten, zich uit te spreken en zich te mengen in de omgang met anderen, opdat hun leven toch ongeveer hetzelfde is.

Laat niet mededogen de drijfveer zijn, maar de gedachte dat we elkaar nodig hebben want ‘heden ik, morgen gij’….

[© MN, in de reeks meditaties. Photo: “In the shadow full of hopes" by Monique.]

donderdag, mei 20, 2010


Meditatie X
Van alles is de gedaante tijdelijk

Nog maar even geleden was het duister en wisten we van niets. Nu zijn we weer wakker, zien dat het licht is en proberen te voelen hoe we gemutst zijn. Dat is niet elke dag ‘zomaar’ hetzelfde, ook al wordt verwacht dat we er zijn.

Van mijzelf weet ik een beetje te leven als een kluizenaar die de stilte moet bewaken als een scherm om zijn geduld dat hij onontkoombaar moet betrachten. Het is géén zieligheid, maar een hopelijk niet te lange fase in mijn bestaan om te leren aanvaarden dat alles zo onwenselijk anders is geworden.
Het onmogelijke leven leren leven.
Iedereen kent stroeve momenten of kleine woestijnen en altijd zijn er oases, ook bij mij.

We zijn stil, de rug zo recht mogelijk, de ogen geloken.
De handen liggen open, de duim tegen de wijsvinger … zo vormen ze voor enkele ogenblikken een kom, een kom als symbool van bewustwording en onszelf te geven wat nodig is. Misschien een evenwicht tussen chaos en orde?

[© MN, de reeks meditaties, met een schilderij van Magdalena Wanli.]

woensdag, mei 19, 2010


De indringer

Angst is een onzichtbare klemgeest,
niemand ziet dat het zweet ervan
over je voorhoofd parelt,

onder de huid, als smeltijs
over de kale schedel
waarbinnen je woont, -

midden in het leven sta je in de dood,
maar meestal ben je er gerust op
dat het van jou mijlenver vandaan is, -

in angst bestaat geen geruststelling;
denk dat de pijn de bron is, maar het zou ook
andersom kunnen zijn: ik ben het zelf,

ik die daar woont,
in die schedel waar van alles wordt
bedacht, vooral wat onwaar is en

zich diep naar binnendringt,
als een vreemde, een indringer die
zich met vier schroeven heeft vastgezet.

Angst schuift zichzelf
in het gebladerte van mijn ziel;
het wordt tijd dat ik hier wegga.

[© MN; Photo “The crow” by Simon Cederquist.]
En dan lees ik Jan van Nijlen (hij werd 80 jaar meen ik):
"Zolang ik jong was vreesde ik niet de dood,
ik riep, in wanhoop, vaak om zijn bezoek,
nu dat ik weet dat hij me roept en zoekt,
vrees ik de ontmoeting met die bedgenoot."

maandag, mei 17, 2010


Meditatie IX
De zon schoof de maan terzijde

Het is een nieuwe dag, het is vandaag. Laat onze ogen geloken zijn, gericht op dat ene waarop ze zonder zoeken zijn gericht … de handen houden we open, de duim tegen de wijsvinger, de handen wellicht bijeen zouden ze een schaal kunnen zijn waarin je blaadjes sla legt en later aanreikt, dan met sauzen, tomaat en ei.

Zijn we niet zó gewend aan gewoonten, gevangen door de tijd … onze agenda’s zijn overvol, dat we onnadenkend aan de volgende dag beginnen? Is er nog tijd om te weten wie we zijn?
De gedachte te kunnen aanreiken wat nodig is en laten liggen wat teveel is of overbodig, maakt ons misschien bewust van wat we doen, elk van ons in de eigenheid die we willen leren begrijpen. Zou dat een motief kunnen zijn dat ons vergezellen gaat? Want midden in het leven staan we ook in de dood, …. maak daarom een monument van uw leven.

[© MN, in de reeks meditaties. Afbeelding: “It s a new day today” by Airi Pung; eigenlijk is de prent misschien te frivool, maar ik wilde iets ‘unexpected’.]

zaterdag, mei 15, 2010


Ziel onder de arm en wegwezen

Middenin het sombere licht,
al is alles lonkend groen,
lijkt het alsof ik doormidden breek.

Zelfs in een fraaie woonstede
met razend verkeer als vertier
kan niet te leven zijn, -

het beweegt, maar is als dood
waarin ik geborgen ben
en niemand die het ziet;

ik sla op de vlucht, weet
waar ik noordwaarts zijn kan en verander
mijn licht in een vuurwerk van veiligheid,

het is er even groen als hier,
behaaglijk stiller en ik kan onmogelijk
stuk vallen.

[© MN, De man en zijn ziel. Afbeelding: photo “Rejected” by Martin Stranka.]

donderdag, mei 13, 2010


De meditatie VIII
In de kern van blijmoedigheid

En weer zijn we door het morgenlicht verrast, - alsof het vanzelfsprekend is, maar het leven van de dag is niet vanzelfsprekend, het is niet voorspelbaar of zeker, hoezeer onze agenda ook uitpuilt of hoe groots onze plannen ook zijn … het leven is hoogst onzeker en kwetsbaar.
Waarom is het zoveel moeders niet gegund een ‘goede’ moeder te mogen zijn en begint het leven voor veel kinderen al in veelomvattend kwetsuur?

Het leven vraagt om initiatief, om te doen wat nodig en goed is te doen en om te verwezenlijken waardoor we worden geïnspireerd.
Laat onze handen hiervan spreken, maak ze tot een kom van overgave … laat het paradoxale er mogen zijn, dat houdt ons bij de dag, bij het bewustzijn van de veranderlijkheid, bij de tegenwoordigheid van het leven. Maar het is ook en toch de onvermijdbare overgave aan de illusie dat alles onbreekbaar lijkt omdat u zich met vaste tred beweegt over wat aarde heet terwijl er geen grotere geheimen zijn dan die de aarde herbergt en die wij niet kennen.

[© MN, De aarde ons enige leven. Afbeelding: “Yin yang” by Alibibi. http://www.youtube.com/watch?v=N4_uCRM5CEM&feature=related]

dinsdag, mei 11, 2010


De meditatie VII
Ruikend in de stilte van de zintuigen

Er is opnieuw een dag gegeven. We weten dat de schepping bestaat en in ieders handen ligt, - onze kleine werkpaarden, aangespoord door inspiratie of ambitie, gedrevenheid of ingeving of noodzaak of gewoonte. Elke dag staat anders op de tocht of in het vuur, ieder ploegt de eigen akker, elk wit wordt woord, elk woord wordt leven, elk woord leidt naar een eigen nederig verhaal.

Zie hoe veelzeggend ze kunnen zijn, de handen, hoe verscheiden de talenten en de behoeften en de intenties. Laten we ze openen, met de duim tegen de wijsvinger opdat ze een kom vormen, een kom die symbolisch wil zijn voor erkenning en scheppingsdrift en waarvan de nieuwe dag zal kunnen getuigen …. dat we elkaar aanzien, elkaar vertellen met het hoofd erbij, naar elkaar luisteren zonder gedachten bij heel wat anders, daarvan kunnen we leven zoals met de aanraking wezenlijk wordt bedoeld, - hoor met hoeveel woorden de dag om zegening vraagt, niet luidkeels of op de tast, maar wel behoedzaam – is het de onzekerheid over waartoe onze gebaren vandaag weer leiden?
Mogen er een paar minuutjes geluk worden gestrooid, mag onze inzet in het teken staan van welke tedere scheppingsact ook … als die maar erkenning biedt, het is de bron van de menselijke ademtocht. Dat we tolerant zijn en zuinig op wat van waarde is.

[© MN, Meditaties. Afbeelding: “Nest” by Hegyimorc.]

zondag, mei 09, 2010


De geur van je wangen, oma zou je zijn, 87
Het is je Moederdag, niet je sterfdag

Telkens word ik herinnerd
aan de grillige vergankelijkheid
en dat de zachtmoedigheid

abrupt kan overgaan
in onomkeerbare diepe, ongekende duisternis;
toen jij stierf, bleef je alleen achter

en ongezien met gesloten vensterglas,
alles bleef dicht alsof je bed even een kluis was,
tot je was toegedekt met bevroren grond;

je heengaan was mijn eerste grote verdriet,
maar ik herinner me wie je was, ijverig en
kritisch en toegewijd, dat wil ik vieren.

Telkens herinner ik me met weemoed
enige liefste toefluisteringen,
woord van je leven als een sprei over het mijne.

[© MN. IM Mimi Nuy-Sterenberg, 13 mei 1923 - 3 december 1972. Eerst dacht ik op de tijd vooruit te lopen, maar soms vallen je geboortedag en Moederdag samen, dit jaar wel niet, maar zo is ’t toch goed. Foto van mijn moeder’s perskaart uit 1947 bij de Twentsche Courant.]

vrijdag, mei 07, 2010


De meditatie
Compositie met de hand 6

Zie het licht dat van de akkers is opgestegen, het licht, alsof een bundel naar binnen geschoven, het licht van de dag waaraan we aanstonds beginnen, fris en uitgerust en welgemoed. Dat onze houding hiervan spreekt: een zo recht mogelijke rug met de ogen geloken, gericht op iets van uw eigen voorkeur …. als een bescheiden oefening in concentratie.

Zie het leven als een nest, een nest waarin we geboren zijn, van waarheen we weggaan en dat ook onze bestemming weer is, - een nestje aarde.
Leg uw linkerhand open uit bereidheid te geven, de andere hand eveneens opdat u kunt ontvangen. In de stilte die we trachten te vinden, proberen we in de dag die ons te leven staat, werkelijkheid en illusie te onderscheiden … schijn van wezen. Moeten we niet blijven zoeken, stap voor stap nadenken om misschien een antwoord te vinden?

[© MN, De gebaren van de hand. Afbeelding: “Leaving the darkness soft and friendly a way to the light” by Andre Gehrmann.]

woensdag, mei 05, 2010


Liever wat wind in mijn ziel

Kom je de uitputting nog te boven,
vroeg ze, - maar er is weinig dat ik weet,
‘Sturm und Drang’, dacht ik,

de wil, zou dat een antwoord zijn?
De zegen van warme vriendschap is sterker
dan een zootje pillen, -

het gaat weer wat waaien in je ziel,
dat verzet je gedachten,
met alleen kennis blijft het windstil

en zou ook zonder enig gewapper
er nog wel besef zijn van tijd, zou het nog
wel duister worden, zouden de akkers

niet verdorren?
Langzaamaan, zo traag als een slak,
verkleint zich het leven, maar dat is geen

verarming, het wordt zoals het begon.
Maar ik dwaal af, ik had immers
even de vriendschap op ’t oog,

'Stil de tijd' is heel wat anders,
het moet waaien tussen mensen.

[© MN, ‘Als het zo wordt, is het ’t vieren waard’ in een Stil gesprek. ‘Stil de tijd’ is een boek van Joke Hermsen. “Ja”, zei ze, “zie je hart als enige huis dat ertoe doet, dan is het andere geen obstakel.” Dat is precies wat mijn beleving me ingeeft en versterkt. Afbeelding: ‘La maison des amis’ by Flying Ideas.]

maandag, mei 03, 2010


De meditatie
Compositie met de hand 5

Het gordijn van de nacht is verschoven naar de vroege ochtend. We verwelkomen deze nieuwe dag. Dat mag blijken uit onze houding, een rechte rug, de ogen geloken en gefocust op een persoonlijk punt. Een bewuste kalmte … het bloed stroomt door onze rivieren, onze adem is een zachte wind, ons hart is ieders klok.
De wegen die we gaan, tonen sleur en veranderlijkheid. In zwaarte zijn ze verschillend, onze levensloop lang. “’k Heb een zware gang te gaan”, zei Etty Hillesum. Soms zijn ze helder, soms langdurig mistig.
De handen liggen open, met de duim tegen de wijsvinger …. de handen als een kom, een kom welke symbolisch mag zijn voor het geschenk van het leven en medemenselijkheid. Medemenselijkheid is niets anders dan dat we niet anders zijn, geen haar anders dan de ander, - daaruit leiden we bekommernis af zonder niemand van ons het stellen kan en het kan belangeloos geschonken worden, - dankzij de zegen van vriendschap kan het weer wat waaien in je ziel, dat betekent beweging, verandering, hoe traag ook. Een gedachte om bij stil te staan opdat die ons wellicht door de dag kan leiden.

[© MN, Meditatie V. Afbeelding: “Misty road” by Klaudija Kozel.]

zaterdag, mei 01, 2010


Een reis naar verzoening

Jij, verwaaid in zeeën van tijd,
bent vader geweest, mijn vader,
mij gevormd tot kind en jongeling

met woord en handen
uit de ‘nee’- cultuur, -
onvoltooid ben ik heengegaan.

Een man van het absolutisme,
in korte taal, alsof de zin van het leven
niet iets vloeiends is.

Vergeten kan ik je niet,
maar vergeven is een ander woord,
jij, mijn vader, bent tot daar gekomen.


[© MN, IM Gerard Nuy, 26-4-1923 – 1 mei 1994.
Photo: „Valley of silence“ by Nuno Milheiro.]