Pagina's

vrijdag, januari 05, 2007

Zijn hart tierde

Het ‘Geheim dagboek 2001’ van Hans Warren is een uitgave die de reeks van de reeds verschenen delen onderbreekt omdat dit deel de notities bevat tot en met 16 december, twee, nee, drie dagen voor zijn dood. In 2004 ging de reeks weer verder, deel 16, en dat dagboek gaat dan weer terug naar medio jaren tachtig. Warren, een dagboekanier in hart en ziel, begon eraan in 1942, hij was toen een jon­ge­man van 20 en heeft dus zijn hele bestaan vastgelegd, zelfs dit laatste jaar, 2001, waarin hij als tachtigjarige wordt geconfronteerd met ontluisterende aftakeling en dat ook allemaal op­recht, toegewijd en genadeloos beschrijft; ik geef daar geen voorbeelden van want het is denkbaar dat het alleen maar schrik aanjaagt, weerzin om ‘zoiets’ te lezen omdat ik het uit z’n context haal en juist zo fascinerend is (ook) dagboeken te lezen, zeker die van Hans Warren. (Hij is eigenlijk de uitvinder van dit genre voor de Nederlandse literatuur.)
In 1942 – hij is geboren in Borssele maar woonde de langste tijd van zijn leven in Kloetinge -, begon hij ermee, maar de publicatie startte pas in 1981. Het was een geheim dagboek want: zijn ouders hadden onmiskenbaar sympathie voor de Duitse zijde en de politieke gevoelens van Hans stonden daar lijnrecht tegenover. Voorts was er zijn homoseksualiteit het­geen in die tijd als een schande werd ervaren. Dat zijn ook de twee thema’s van het eerste deel, naast zijn verkenningen in de kunst en zijn grote liefde voor de natuur, speciaal de vogels. Hij leidde een eenzelvig bestaan. In 1946 verscheen zijn poëtisch debuut, Pastorale. Er verschenen daarna ruim 25 gedichtenbundels, de laatste begin 2001, Een stip op de wereldkaart. Voorts verhalen, essays en vele bloemlezingen. Samen met Mario Molegraaf vertaalde hij het werk van de inmiddels zeer gevierde dichter Kavafis en ook het Verzameld Werk van Plato. Hij is zelfs de vertaler van veel werk van De Sade. Verder werkte hij 50 jaar voor de Provinciale Zeeuwse Courant: boekbesprekingen en de kunstkroniek. Een veelzijdig literator dus, die eigenlijk – dat zullen misschien niet velen weten – Hans Menne heette. Hij schreef voorts onder pseudoniemen als Marc Dupont, Arcangelo en Engel Piccardt.
Ondanks zijn homoseksualiteit trouwde hij in 1952 met Mabel MacLauren. Ze kregen drie kinderen. In de jaren vijftig woonden zij in Parijs, een roerige tijd waarin Warren vooral de zelfkant van het homoseksuele milieu opzocht wat tot dramatische taferelen met zijn vrouw leidde. Zij scheidden in 1975. Sedert 1978 was Mario M. zijn levenspartner.
Wie niet al die afzonderlijke delen (meer) wil lezen, kan ook beginnen met de in 2000 verschenen bloemlezing uit zijn dagboeken, Om het behoud der eenzaamheid. Nu, heel kort, het dagboek 2001.
Hij schrijft uitbundig over de rijke collectie etnografische kunstvoorwerpen die hij en zijn levensgezel hebben verzameld (en wat er nog iedere maand aan wordt toegevoegd). Het accent ligt op de Aziatische schatten die Warren boeiden door hun geheimzinnigheid en sereniteit. Voor hem is het huis in Zeeland, Kloetinge, “de navel der aarde waar de hele wereld zich heeft verenigd dankzij de kunstvoorwerpen.” In dit ontroerende document van 350 pagina’s (16 dec 2000 – 16 dec 2001) is het lijden voortdurend en schrijnend ‘aanwezig’, tweeërlei, zowel aan de ziekte (een grote tumor in de lever en nog wat complicaties) als aan zijn samenleven met Mario die veel voor hem doet maar hem ook ongelooflijk blijft vernederen. Het gaat over literatuur, over het gereedmaken van drukproeven, over de kwelling en de noodzaak van het schrijven, over toertochten in de omge­ving, over tientallen uitstapjes naar musea en over ervaringen in restaurants (Mario schrijft voor Lekker, een tijdschrift voor deze branche; ze krijgen daar natuurlijk geld voor maar ze gaan ook meerdere keren per week op eigen kosten dineren, vaak met de duurste wijnen bij wat ongewone maaltijden waarvan de kosten rustig oplopen tot ruim vierhonderd gulden en dan was het nog smerig ook.). De meeste restaurants komen er beroerd van af. “Ik heb zo goed als niets gegeten, alles was schaam­te­loos slecht. Ik vreesde dat Mario weer in de contra­mine zou zijn, maar hij vond het maal ook smerig. Vooral de hoofdgerechten bleken volstrekt ongekund. De kok had mijn ‘oedangs’ niet eens warm weten te krijgen. We waren in een uurtje weer thuis.” Er wordt waanzinnig veel gesmuld, maar dan vooral thuis want Warren schijnt daar fenomenaal goed in te zijn geweest, tegelijkertijd wordt praktisch elke maaltijd weer vergald … het afstotelijke en het schone – en dat geldt eigenlijk de hele dagelijksheid van dit buitengewoon onalledaagse leven.
Het lijden is soms ontluisterend ‘bloot’ en pijnlijk. Hij aarzelt over geen enkel detail. Er zit een enorme spanning tussen fysiek ineenzijgen en de ziel die wordt opgetild, kort en hevig, en dan weer verder op die eenzame weg naar het einde.
[Hans Warren, Geheim dagboek 2001, Bert Bakker (2002). Foto door Vincent Mentzel.]

8 opmerkingen:

Anoniem zei

Wat een leven. Ouders die sympathiseren met de Duitsers en ook homosexueel. Alle respect. Bedankt voor de boekentip!

Gonda zei

Als hij in deze tijd had geleefd, had hij waarschijnlijk een weblog gehad. Maar goed dat dat niet het geval was, want dan waren zijn dagboeken en andere werken misschien niet uitgegeven, maar in de vergetelheid geraakt op het www.

Enno Nuy zei

Is dat ons lot Goentah?
We zijn allemaal te gast in dezelfde wereld, we zijn passanten. Van wie is de wereld?

Gonda zei

Er wordt zoveel gepubliceerd op internet, zoveel weblogs, zoveel talentvolle schrijvers... Dat is heel mooi natuurlijk. Internet geeft iedereen een kans. Ik 'publiceer' zelf ook, terwijl ik, als er geen internet zou zijn, dat waarschijnlijk niet gedaan zou hebben.
Toch zie ik internet als vergankelijk, terwijl een boek tastbaar is, en eeuwen later nog kan bestaan.

Anoniem zei

Je blog in boekvorm,ik kwam het laatst tegen ergens. Zij had het van haar man als kado gekregen!Is dat geen goeg idee Goentah!

Anoniem zei

Dat lijkt mij ook een heel goed idee Marius... Je blog straks, als het een jaar oud is, in boekvorm. Eens wat anders dan je wetenschappelijke publicaties!

Gonda zei

@Julia: Mijn blog is niet de moeite waard om in boekvorm te verschijnen :-) Maar alle logs uitprinten is een idee. Als een soort tastbare back-up.

Anoniem zei

Wie schrijft die blijft. Maar weblogs is meer dan enkel schrijven, het is ook communiceren. Ik wil blijven, en dus ook publiceren, en ooit komt er nog wel een boek van, een echt boek. En tegelijkertijd, ervaar ik steeds meer, uit alles wat jij schrijft en leest, de hoeveelheid er is te lezen, en een soort moedeloosheid daardoor. Dat is nooit te bolwerken. Je lof op ouder werk, oudere uitgaves, die ik, als jongere of jong-willen-zijnde, soms sowieso al negeer, want ik wil enkel modern, en nieuw, en flitsend. Meezijn met de tijd. Dus zelfs als je een boek uitgeeft, en blijft bestaan, wie zal mij na zoveel tijd nog lezen ? Weblog-gewijs : wie leest er ooit in mijn archief ? Wie geraakt er ooit verder dan het laatste stukje ?