Pagina's

dinsdag, maart 27, 2007

Morele passages omtrent thuisloosheid IX

Nederland, maar dat geldt ook voor andere Europese landen, zit stevig onder de cosmetica: er is, op ’t oog, niets aan de hand. Alles is voortreffelijk geregeld, zo is onze welvarendheid toch wel samen te vatten. Onze wereld is ‘in orde’. Van de wieg tot het graf, zowel voor ‘normale’ mensen als voor gehandicapten, óók voor thuislozen. ‘Make-up’ is veelal een dunne laag op een ondergrond die liever niet wordt getoond en zo is het ook met de ‘orde’ – het is een dunne laag over de chaos, de onmenselijkheid, de bureaucratie, de eenzijdigheid, over een wereld van geringe wederkerigheid.
Een bepaald kenmerk van thuisloosheid, de innerlijke rusteloosheid, brengt met zich mee dat een deel van hen zwervend is, een haast consequentieloos bestaan leidt waarin geen idealen lijken weggelegd of voorhanden, en die weinig of geen gebruik maakt van bestaande voorzieningen danwel vanwege de ernst van de meervoudige problematiek niet wordt toegelaten en zo een tragiek in beeld brengt die een zwarte veeg geeft over het bestaan in elke stad en de indruk wekt dat niemand zich om hen bekommeren wil. (Het paradoxale is, dat in de zwerver twee beelden te herkennen zijn: die van iemand die in elk opzicht blut is en tegelijkertijd het meest ‘self-supporting’. Toch kunnen ze slecht voor zich zelf zorgen en dat maakt hen maatschappelijk weer zo opvallend. En veel zwervenden zijn als het ware zelf ‘verantwoordelijk’ voor dit beeld, voor deze ‘misleidende waarheid’, waar zij, tegenover de media, openlijk een ode brengen aan de vrijheid, aan de verlossing uit het maatschappelijk harnas, en toch, niets van deze illusie blijft heel. Het is een zeer begrijpelijke apologie, het is hun ‘zoveelste versie van gebeurtenissen’, met denkbaar steeds weer andere betekenissen, (ook) omdat het perspectief, de manier van vertellen, van hoe je het ziet, in de loop van de tijd verandert. Het belangrijkste is echter, dat de apologie ook een redding is van zijn geestelijke gezondheid. Nee, de thuisloze is niet een ‘onafhankelijke levenswijze natuur’, maar, veelal, een in zichzelf gekeerde persoon die voor velen onbereikbaar is geworden en ook zichzelf niet meer doorgronden kan.) Zwervende thuislozen leven met de minus van hun bestaan. Het zijn kwetsbare en tegelijk taaie mensen want de baas over de beproevingen van het buiten-(gesloten) leven.
Er bestaat voor hen een soort mini-verzorgingsstaat: de ‘oude internaten’, passsantenverblijven of slaaphuizen, centra voor dagopvang, inloophuizen, sociale pensions, begeleid wonenprojecten en dienstencentra. Er bestaat een veelheid aan vormen van solidaire actie en primaire zorg, zoals een busproject, een stoelenproject en medische spreekuren. In al deze voorzieningen treft men vaak een toon aan die duidelijk maakt dat men het opneemt voor de thuisloze, niet vanuit zieligheid, maar vanuit een solidaire instelling en een moreel besef van verantwoordelijkheid. Men keert de thuisloze niet de rug toe of ‘laat hem in zijn sop gaarkoken’, maar treedt hem, idealiter, keer op keer empathisch tegemoet en probeert op realistische wijze aan te sluiten bij zijn mogelijkheden,l en perspectieven te zoeken die zijn gevoel van eigenwaarde geleidelijk weer kunnen opvijzelen. Men heeft zorg voor diens welzijn, men geeft gestalte aan het begrip ‘bekommeren’ en laat het daarin niet afweten.
De keerzijde van de veelsoortige zorg is, dat voor vele zwervenden de bestaande faciliteiten – áls ze er tenminste al welkom zijn en/of er gebruik van willen maken – wel een zekere bestaansbasis vormen, maar (vaak) niét een bron van herstel. Ook al komen zij er dagelijks, het is onvoorspelbaar of en wanneer hun komst van ver buiten de gewone mensenwereld de betekenis krijgt van een wending in hun bestaan. Velen gaan jarenlang door de onmogelijkheid te leven juist te leven.

Er lijkt sprake van een bepaalde morele taal, een taal die als van zelf in zich heeft, dat men binnen de zeer gevarieerde hulpverlening het goede voorheeft met (alle) cliënten, terwijl de praktijk laat zien dat men lang niet altijd in overeenstemming met deze grondslag handelt. Sommigen zijn te smerig, te gek, te asociaal, te agressief, en komen daarom vrijwel nergens binnen. Zo kent ook de zorg nog tal van mazen. Het gevolg van deze (extra) uitsluiting is het opdrukken van schuld waartegen zeker deze mensen geen verweer hebben. Dit roept de gedachte op van een soort ‘laatste oordeel’, van een nadrukkelijk morele houding van afwijzing, van vernedering, en dán is het te gemakkelijk – al ben ik er niet uit – het is niet deze schuldkwestie die hem nog verder marginaliseert, maar het is de onhanteerbare problematiek waarmee wij geen raad weten.
[Afbeelding: schilderij “Vallende man” van Lammert Boerma.]

13 opmerkingen:

Anoniem zei

ik heb weleens mnet verbazing naar een ex zwerver zitten luisteren, "hoe"snel het kan gaan dat je van welvarend naar zwerverbestaan kunt gaan als het in je leven even misloopt marius,

soms.... zou ik het zwerven ook wel prefereren....
maar alleen in de zomer,
en alleen maar aardige mensen ontmoeten
en samen met al mijn dieren 3 honden en 2 katten..
en als ik dit weer zo lees....
denk ik nee roos... da's een utopie..
dat word niks met jou...
blijf jij maar lekker thuis...
bidt lees werk en houdt boek:-))

en marius.... ik droom toch stillekes verder...

misschien een woonwagen :-))
groetjes
klaproos

Anoniem zei

Dat laatste dat is het, vrees ik. Soms zie ook zoveel triestigheid om me heen. En dan tel ik me zegeningen. ‘Wat hebben toch veel geluk,’ zeg ik tegen mijn lief gisteravond, zittend op de bank, kijkend naar ‘Langer licht, een film op TV. ‘Tot nu dan, want we weten nog niet wat gaat komen,’ verzucht ik.

Anoniem zei

Soms krijg ik de indruk dat 'men' eerder geneigd is op de komen voor dieren dan voor mensen die buiten de norm vallen. De draagvlak voor al die sociale opvangmogelijkheden die je noemt, lijkt soms slechts gedragen door een fanatiek groepje die willens en wetens blijven voortgaan, ook al is het dweilen met de kraan open.

Dank voor je inzichtelijke teksten over thuisloosheid!

Anoniem zei

Ondanks die cosmetica, ziet Nederland er toch steeds lelijker uit. Als ik door het land trek naar plekken uit mijn jeugd, herken ik het niet meer.

Mensen raken hun zelf ook kwijt hierdoor.

Anoniem zei

De laatste zin slaat de spijker op zijn kop.
Als we er geen raad mee weten schuift men het af.
Zo ook met probleemgevallen
Ik denk dat psychische problemen ook sneller leidt totnog meer problemen o.a verslavingen.


(medicijnverslaving is de grootste en ook een 'legale' verslaving)

Zo zijn verslaafde psychische patienten vaak niet welkom in de instelling,en andersom ook niet,
Het probleem verplaatsen is geen oplossing,en wat ik ook eerder noemde sympoombeheersing is vaak het hoogst haalbare in de praktijk.

Anoniem zei

eh, te snel getypt.. zie ik..symptoombeheersing dus.

Anoniem zei

Er lijkt idd sprake van een morele taal, maar je stipt idd ook het grote probleem aan: sommige willen niet geholpen worden, andere verzanden juist door de bureaucratie (bijv geen sofinummer) en dat bepaalde instanties hen toch net niet goed genoeg kunnen helpen, in hun poging om zich eraan te ontworstelen.

Julia zei

Soms zijn ze geestelijk misschien ook zo ziek dat ze niet geholpen willen worden. Dat ze juist dat wat hen zou kunnen helpen afwijzen , juist door hun ziekte. En dan wordt het zo ook zo moeilijk ! Ja het is een moeilijk iets he ?

Anoniem zei

*Zucht* Weten dat het niet goed werkt is duidelijk,maar hoe zou het beter kunnen/moeten?
Ik kan me best voorstellen dat men zich afzijdig houdt van "dweilen met de kraan open"of doen alsof je neus bloed'.

Wat zou er beter moeten kunnen?
en hoe?
Wat is veiligheid .. eigenlijk?

Anoniem zei

Je kan er wel over praten, het tot op het bot analyseren, maar is er wel een oplossing voor het probleem? In de ideale (utopische) maatschappij misschien wel, maar in deze? Ik vrees ervoor dat steeds meer mensen uit de boot zullen vallen, en wat dan?

Irene zei

Als ik de zin:..Nee, de thuisloze is niet een ‘onafhankelijke levenswijze natuur’, maar, veelal, een in zichzelf gekeerde persoon die voor velen onbereikbaar is geworden en ook zichzelf niet meer doorgronden kan..lees, denk ik dat ik me daar het meest in kan vinden. Zo wordt het voor beide kanten een bijna onmogelijke opdracht om tot elkaar te komen en om hulp te bieden. Geloof me, ik heb het meerdere malen geprobeerd.

Anoniem zei

Voor wie knettergek is zijn er ook buiten de straat (in de inrichting, de TBS-kliniek) maar zo weinig mogelijkheden. Op tijd je natje en je droogje, maar lamgeslagen met medicijnen en geen mogelijkheid je perspectief met anderen te delen.

Ik duim voor de neurologie en de psychiatrie: moge er ooit een antwoord komen.

Anoniem zei

Ik weet de titel van het boek inmiddels weer en heb het zelfs in mijn bezit.
De Deftige Zwerver van Jacob Sleutelberg. Zoeken en lezen! Je oordeel over "zwervers" zal voor altijd veranderen beste medemensen.