
Het ouderwetse asiel kan van de baan
De Hage is vormgegeven naar een voorbeeld in Cambridge: a ward in a house. Een afdeling in een woning, losgeweekt uit het systeem van verlorenheid en bevoogding. Aanvaardend dat er een groep mensen is voor wie maatschappelijke kansen niet lijken weggelegd, moet er als het ware een leven ontworpen worden dat menswaardig en veilig is in de eerste plaats, dat hun individualiteit onderstreept en dat hen ruimte en zekerheid biedt. Zo’n voorziening voor ‘new long stay’ patiënten was door Geoff Shepherd in Cambridge gerealiseerd en het bleek dat al hun inspanning deed voorkomen dat hun mensen tot de ‘old long stay’ groep zouden gaan behoren. Na een gemiddeld verblijf van twee jaar verhuisde zelfs 40% van de bewoners naar een woonvoorziening met minder begeleiding.
Enkele verpleegkundigen uit Vijverdal verbleven ruim twaalf jaar geleden drie maanden in Shepherd’s project en keerden er enthousiast van terug. Het bleek mogelijk een zo gewoon mogelijk wonen te realiseren dat appelleert aan geleidelijk meer verantwoordelijkheid voor het eigen gedrag, voor ieders bijdrage aan het huiselijk leven en dat niet in de laatste plaats uitzichten biedt op onvermoede perspectieven. Aanvankelijk dachten deze verpleegkundigen dat het daar om ‘betere’, meer zelfredzame, patiënten ging, maar later bleek dat hun beperkingen nagenoeg dezelfde waren als die van de mensen in Maastricht en dat zij de effecten van het woonklimaat hadden onderschat. Het waren dezelfde mensen, maar bevrijdt uit de klamheid van gelatenheid, uit de rituelen van de systeemwereld die de psychiatrische inrichting was. Men kan zich afvragen of dat toentertijd, 1995, nou nog zo’n spectaculaire ontdekking was – de praktijk van beschermd wonen had immers al veel twijfel over individuele mogelijkheden weggenomen – maar dan wordt over het hoofd gezien dat een al lang bestaande realiteit (toen in Vijverdal) al die individuele levens nog ommuurd hield, verborgen in de anonimiteit, en daarom ook de waarneming intact hield dat voor deze mensen nauwelijks een andere toekomst denkbaar leek. Nog geklonken aan het systeem, er was niet aan te ontsnappen, bleven de rollen dezelfde. Zien dat het anders kan en dat dit andere een weldadige verandering kan bewerkstelligen, is wat voorafgaat aan alle feitelijke verandering: het leren teruggeven van zeggenschap, het leren loslaten en delen van verantwoordelijkheden, de terugtocht naar de achtergrond maar hen niet verlaten.
Naar een nieuwe tijd en ruimte
Vier jaar geleden schreef ik ‘Gebonden aan kwetsbaarheid’ en was voor een interview in Maastricht, uitgerekend op de dag van de grote verhuizing. Drie maal drie geschakelde woonhuizen in donkerrode baksteen, alle met een ongeveer hetzelfde lichtkleurige interieur, elk voor vijf of zes bewoners. Het ging er aan toe zoals dat gaat bij verhuizingen, alleen ‘hier’ met de bewoners als ongeduldige toeschouwers, voor mij als gast het meest onhandige moment dat er is. Ik was getuige van een discussie over het rookbeleid. Men was er niet gerust op hoe dat zou uitpakken, een beleid dat gerationaliseerd werd als het recht op een rookvrije werkruimte – terwijl de meeste bewoners verstokte rokers zijn en vanwege die maatregel eigenlijk permanent buiten zouden moeten staan. Dat botst frontaal met de idee het leven aan hen terug te geven.
Een paar jaar later was ik opnieuw in De Hage en toen bleek dat het beleid al spoedig was gesneuveld. Het veelal excessieve rookgedrag is kenmerkend voor veel patiënten, naar verluidt voor 80% van hen. Het gebruik van bepaalde geneesmiddelen speelt hierbij een niet onbelangrijke rol. Aan de ene kant vermindert het roken, althans de bestanddelen daarvan in de sigaret, (sommige) bijwerkingen van geneesmiddelen, aan de andere kant worden waarschijnlijk door bepaalde medicijnen veranderingen in de hersenen teweeggebracht die het moeilijk maken voor patiënten om op te houden met roken. Voor de meesten is het al vele jaren achtereen het enige oponthoud.
Als het peukje verfrommeld wordt gedoofd in de overvolle asbak, ligt de shagbuil al weer op schoot voor de volgende. De grenen tafel in de zithoek toont veel schroeiplekken. Het ‘eigen huis’ heeft het gewonnen van het beheer vanuit de kliniek.
Van veel bewoners leek het leven voor altijd onleefbaar. Ze zwierven door de instelling zoals anderen door een stad, hier en daar op een hoek wachtend op het gouden ogenblik: als de psychiater zijn kamer verlaat, is ‘die van mij’, een moment van vleierij, van aandacht, van herinnering, ‘hij kent mij’ en dan sjokte deze of gene weer door. Onderweg naar De Hage dacht ik aan vroegere bezoeken en aan de sporen van tristesse die ze telkens weer nalieten.
”Het is heel anders dan vroeger hè.” Jean Marie, tandeloos maar met een direct innemende uitstraling, die al ruim dertig jaar bewoner is van Vijverdal, is trots op het kleine appartementje waar al zijn eigendommetjes dicht opeen staan. “Op 3 september moet ik optreden.” Hij speelt verdienstelijk keyboard in de band ‘Shrinkett’ en hij vraagt Detlef te bevestigen dat het klopt wat hij vertelt. Die beaamt het, voluit. Hij is een levendige mens, een mens wiens lach aanstekelijk gelukkig maakt, niet uit een soort van vermakelijkheid, maar uit ontroering om de eenvoud. Ik weet alleen maar van dit enkele kleine uurtje, maar het is onafpakbaar geluk, tevredenheid. Schuin achter hem zit Norbert, helemaal ineengedoken, een man van midden vijftig met een asgrauw onbeweeglijk gezicht, grote lichtblauwe lijdensvolle ogen, een onvergetelijk triest stilleven. Hij roept allerlei gedachten en vragen op, zijn droevige en eenzame gestalte grijpt steeds mijn blik. Nog meer vragen als blijkt dat het excentrieke, kokette, dametje dat hem met gebaren van genegenheid een koek komt brengen, een lady met sjieke handschoenen tot halverwege de arm en flitsend groen geverfde haren, vroeger met hem getrouwd is geweest. Ook zij woont al 25 jaar op Vijverdal en is in het centrum van Maastricht een geliefde verschijning, bekend als de ‘Gouden mevrouw’. Zij waant zich onophoudelijk in een andere wereld – een die gelukkiger lijkt dan van Norbert die continu stemmen hoort en zich achtervolgd voelt. Na een zwaar hartinfarct vorig jaar en een bypas-operatie vreest men voor zijn benen die als gevolg van perifere circulatiestoornissen dreigen af te sterven. Het lijden destabiliseert zijn bestaan.
Jean Marie was een ….
[Afbeelding: “Look – listen – think – feel” by David Mourao Ferreira.]
7 opmerkingen:
Ik moet toegeven dat ik altijd een beetje bang van zulke mensen -- het klinkt oneerbiediger dan ik bedoel -- ben, maar misschien ontstaat dat enkel uit de angst om ooit zelf de greep op het leven te verliezen. Door jou te lezen begin ik die toch enigszins anders te bekijken ...
Empathisch, zachtmoedig, toch een heel heldere kijk, met beide voeten in de werkelijkheid... dit alles van toepassing op Marius zou ik zo zeggen. Blij met alle begrip dat jij hebt voor je medemensen. Konden nog maar héél véél meer zo'n mensen van zich laten horen...
Schoonbroer is ondertussen in de kliniek, alle soorten specialisten gepasseerd om hem echt op "punt te stellen "en hopelijk heeft hij dan voor de rest weer een meer kwaliteitsvol leven thuis met mijn zus voor de rest van het jaar. Jammer genoeg nu diabetes type 2 tgv de medicatie...
Smiling Cobra, jouw gevoelens zijn heel herkenbaar bij veel mensen uit de omgeving. Ook voor mij als kankerpatiënte. Wie niet met mij om kan gaan zijn meestal mensen die wél met mij kunnen omgaan, maar niet met de ziekte. Enkel tijd en levenservaring kan daar iets aan veranderen vrees ik.
Marius, bedankt voor je mooie stukjes
Bedankt voor deze kijkjes achter de schermen! Ik word er weer iets wijzer van , letterlijk en figuurlijk !
Ik meende dat de psych Detlef Petry ook degene was die hersenschimmen schreef,(niet dus)
Google toonde mij eeen inhoudelijke beschrijving van Ontmaskering...zo op het oog lijkt het me een zeer interessant boek,maar ben bang dat het vrij taaie kost is voor leken zoals ik.. psychose ken ik alleen als (hopenlijk gewezen)mantelzorgster.(weet welke tekens erop wijzen,maar ook dat het onmogelijk is om door te dringen tot enige rede..totaal ontremten obsessief zou ik het noemen,en ook erg beangstigend ) Lithiummedicatie is vrij normaal ter onderdrukking en vlakt de pieken en dalen af.,maar ook zijn er geluiden dat je bij het stoppen,meer kans op herhaling hebt dan zonder.(meer psychosegevoelig)
Die Detlef lijkt me een kundige en bezielde man die op de goede plek zit.Ook achter de maskerade kijkt..
Mijn observatie van de Paaz vond ik triest,tijdelijke opname,s en ellenlange dossiers en voorgeschiedenis waar je niet vrolijk van wordt.(Psychiatrische ziekenhuizen lijkt me dan ook soortgelijk)
Na stabelisatie, keren ze vaak terug in hun eigen kleiner wordende kringetje tot het weer goed fout gaat. De ellenlange weg loopt dan vaak weer dood.
Zelf werk ik met veel plezier in een kleinschalige woonvorm van P.G.
Meer herkenbaarheid en interactie dan 20 jaar geleden toen ik stage liep,meer persoonlijke aandacht en vaste gezichten,dat viel me ook op in de thuiszorg dat mensen dat echt konden waarderen,komt de continuiteit ook ten goede..
Hospitalisatie volgens mij is de psych daar veel te bezielt voor..
Ontmaskering... goede titel!
En als je bedenkt dat niet zo lang geleden wegmoffelen van ongeneesbaar verklaarden schering en inslag was, met vastbinden (geestelijk en lichamelijk) als hulpmiddel om het als verzorger ietsje makkelijker te hebben. Want hoe je het ook draait of keert, de begeleider moet het uiteindelijk doen, en ook voor hem/haar is het een moeilijke taak... Dus enthousiaste mensen die het lijden van chronische zieken proberen te doorbreken, dat zijn wààrlijk ménsen!
Bedankt Marius, voor dit verhelderend stukje!
Vroeger toen ik nog een braaf meisje was, fietste ik onderweg van school naar huis altijd langs psychiatrisch ziekenhuis Endegeest. En iedere dag stond daar een meneer met knalblauwe ogen die een beetje verdrietig keek. Ik had van mijn moeder geleerd dat mensen in Endegeest 'andere hoofden' hadden.
Deze man, dat had ik meteen gevoeld, had een hoofd dat door mij heen kon kijken. Daarom begon ik al ver vóór ik hem zag aan leuke dingen te denken. Daarmee sloeg ik twee vliegen in één klap; hij zou zien dat ik heus wel deugde van binnen én - als hij dan toch door me heen keek - hij zag misschien iets wat hem een beetje opvrolijkte.
@ Lut: ik mail je.
@ Feex: volledige titel: De ontmaskering. De terugkeer van het eigen gelaat van mensen met chronisch psychische beperkingen. Niet een taai boek, maar wel een leerboek over "late rehabilitatie", laat omdat deze groep lange tijd 'verwaarloosd' is geweest en het tijd werd voor eerherstel. Dit langdurige proces begint nu zijn vruchten af te werpen. Zoals jij nu ervaart in kleinsch. wonen waar je werkelijke aandacht kan hebben voor mensen i.p.v. zoals vroeger toen je voornamelijk vaak langs ze heen liep want alles was groot en het was druk etc.
@ Jowi: Of het nu zo werkte of niet, dan wist je die man toch iets moois te geven.
Een reactie posten