
(Nee, het gaat niet over dit boek. Via een omweg wijs ik erop.)
Goud is goud, nooit iets anders dan dat. Maar liefde. Het is een onstoffelijke, menselijke, betovering, er kan, naar Andries Baart, ‘een mens uit opstaan’. Zonder liefde kwijn je weg, al is van alleen liefde niet te leven. Je moet haar willen onderhouden, jezelf willen inzetten, en toch, toch is ze niet altijd te behouden in haar oorspronkelijke gedaante. “Het is een zwaar beroep”, zegt Rogi Wieg. Het begint als een vuur, soms blijft het dat. Als het uit gaat, wil je het opnieuw aansteken en soms weet je niet hoe dat te doen. Het lijkt te gaan branden, maar na enkele dagen is het weer gedoofd. Uit welke beweegredenen werd getracht het weer aan te steken?
Liefde is eigenlijk het allesomvattende thema van de wereld, van de mensheid, al lijkt uit de geschiedenis én de actualiteit af te leiden dat de mensheid er niet veel mee op heeft of van wakker ligt. Terreur, wreedheid, moord, vernedering, misbruik, onderdrukking, ontgoocheling, zomaar zeven begrippen die me onmiddellijk te binnenschieten, al van mijn lippen vliegen voordat ze hier gedrukt staan, als tot me doordringt hoe we dagelijks getuige zijn van wat zich in de wereld afspeelt. Paus Benedictus XVI waarschuwde in zijn kerstrede van 2005 voor een “geestelijke dorheid”. De duizenden toehoorders, die een koude regen trotseerden, hoorden hem roepen dat de mensheid in zichzelf zal sneuvelen, dat “mannen en vrouwen in onze technische eeuw slachtoffer dreigen te worden van hun eigen technologische successen en daardoor te eindigen in geestelijke dorheid en leegte in het hart”. “Word wakker, mannen en vrouwen van het derde millennium”, zei hij.
Laten we niet eeuwig slapen, zoals een zwerfsteen. Zou de kerkvorst Armesto hebben gelezen, of Susan Greenfield? De eerste zegt eigenlijk ook, ‘Lees je toch wakker’: “We weten niet eens wat ons tot mens maakt, wat het mensdom inhoudt, dus spreekt het voor zich dat we het niet merken als we het kwijtraken.” De macht van de technologie loopt ons onder de voeten.
[Felipe Fernández-Armesto, Dus jij denkt dat je een mens bent?, Bert Bakker. Het is een fascinerend boek. F-Armesto beschrijft de langlopende discussies over ras, etniciteit en de origine van het menselijk ras en de overtuiging dat er een duidelijk verschil is tussen mensen en niet-mensen. (Herinnert u zich wat Poetin in het voorjaar opmerkte over de Tsjetjenen? Mensen “in de gedaante van beesten”. Alsof we nog in de Middeleeuwen leven, waarin de mensheid een klasse was waarin je kon worden toegelaten of uit kon worden verwijderd. Dat is het lot van de tegenwoordige Tsjetjenen: te bezwijken onder het moreel onverschillige, barbaarse, handelen van de Russen. En is in de Amerikaanse en Europese ideologie het woord ‘beest’ niet vervangen door ‘terrorist’, een Untermensch? Terroristen verdienen het uitgeroeid te worden. Het is een haast algemeen aanvaard standpunt.) Wat betekent het precies om mens te zijn? Kunnen we nog geloven menselijk te zijn?]
Geen opmerkingen:
Een reactie posten